Iets na vijf uur vanavond zijn 43 leden van B-FAST geland op de luchthaven van Adana in Turkije. Van daaruit reizen ze nu verder met de vrachtwagen naar Kirikhan waar ze een veldhospitaal zullen bouwen. Vanaf donderdag zullen slachtoffers van de aardbevingen er terecht kunnen voor opvang en verzorging. Woensdag is al een verkenningsteam vertrokken.
Logistieke team B-FAST aangekomen in Turkije om veldhospitaal te bouwen
De 43 B-FAST-leden zijn vanmorgen vertrokken vanop de militaire luchthaven van Melsbroek. Coördinator Gino Claes van B-FAST vertelt in "De ochtend" dat het vooral om hulpverleners gaat met een expertise in logistiek.
"Deze ploeg gaat ervoor zorgen dat het veldhospitaal de komende dagen wordt opgebouwd. Dat gaat uiteraard wat tijd in beslag nemen." Op een later tijdstip - wellicht dinsdag of woensdag - vertrekken nog dokters en verpleegkundigen naar het rampgebied in Turkije. Die medische ploeg zal elke dag honderd patiënten proberen behandelen.
Het is de eerste keer dat B-FAST een professioneel veldhospitaal zal opstellen. "Er is een gezonde spanning aanwezig, maar we hebben er alle vertrouwen in met de internationale ondersteuning", ziet Claes het. Het hospitaal zal opgebouwd worden nabij een ziekenhuis dat niet langer meer functioneert. "De stabiliteit van dat gebouw kan niet meer gegarandeerd worden", aldus Claes over de specifieke plaatskeuze.
Het eerste B-FAST-team gaat zeker voor 14 dagen naar Adana en zal dan worden afgelost. Claes zal bij die volgende rotatie meereizen. Hij weerlegt nogmaals de kritiek dat B-FAST te traag werkt. "Laat ons dat kaderen. We zijn geen snel zoek- en reddingsteam. Volgens de richtlijnen van de WHO hebben we ons op een gepast tijdstip georganiseerd en zijn we ter plaatse. We zijn het eerste land dat een veldhospitaal ontplooit in Turkije." Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) stond in Melsbroek om het B-FAST-team uit te wuiven. Hij maakte duidelijk dat de teams er zolang als nodig blijven. "We investeren hierin 8 miljoen euro. Dat is heel wat, maar ik vind het verschrikkelijk hard nodig. Dit is een elementaire vorm van solidariteit."


