De zogenoemde "Elgin Marbles", sculpturen die het Parthenon in Athene sierden, zullen niet terugkeren naar Griekenland. Dat heeft de Britse minister van Cultuur duidelijk gemaakt. De friezen worden sinds de negentiende eeuw tentoongesteld in het British Museum, zeer tegen de zin van Griekenland. De voorbije maanden liepen gesprekken over een mogelijke teruggave, maar als de Griekse regering hoop op een doorbraak koesterde, dan is die nu de grond in geboord.
Britse regering boort Griekse hoop de grond in: "Sculpturen uit Parthenon horen in Verenigd Koninkrijk"
Ruim een maand geleden doken in de Griekse pers de eerste berichten op over geheime gesprekken die de Griekse regering voerde met George Osborne, de voorzitter van de raad van beheer van het British Museum, over een mogelijke teruggave van de "Elgin Marbles".
Het is het British Museum bij wet verboden de sculpturen permanent terug te geven aan Griekenland, maar volgens berichtgeving was er een akkoord in de maak over een mogelijke ruil.
De "Elgin Marbles" zouden dan tijdelijk worden herenigd met de andere Parthenonfriezen in het Akropolismuseum, terwijl andere antieke kunstschatten - die Griekenland nooit eerder hebben verlaten - zouden kunnen worden uitgeleend aan en tentoongesteld in het British Museum.
Nadat de Griekse krant Ta Nea in december als eerste over een mogelijke terugkeer had gespeculeerd, schreef ook de Britse krant The Daily Telegraph over plannen om de "Elgin Marbles" voor lange tijd uit te lenen aan Griekenland, in het kader van een uitwisselingsproject.
Griekenland probeert al bijna 40 jaar om de zogenoemde "Elgin Marbles" terug te krijgen. De marmeren sculpturen sierden ruim 2.000 jaar lang het Parthenon, de grote tempel van de Akropolis in Athene.
Tot ze in het begin van de 19e eeuw naar Londen werden meegenomen door lord Elgin, een Britse diplomaat bij het Ottomaanse Rijk. Elgin zei dat hij daarvoor de toestemming had gekregen van de Ottomaanse heersers, die toen Griekenland bezetten. Hij nam in totaal ongeveer een derde van de sculpturen mee.
Griekenland heeft de zaak altijd gezien als een geval van roofkunst. Ook sommige Britten delen die mening. Er waren tijdgenoten van lord Elgin die hem beschuldigden van vandalisme of plundering. Een van hen was niemand minder dan de dichter lord Byron.
Toen lord Elgin in Londen geldzorgen kreeg, verkocht hij de marmeren sculpturen aan de Britse staat, die ze tentoonstelde in het British Museum, waar ze nu nog altijd te bewonderen zijn. Sinds in 2009 het nieuwe Akropolismuseum in Athene de deuren opende, ijvert Griekenland meer dan ooit voor de teruggave van de "Elgin Marbles".
Een regeringswoordvoerder drukte zich intussen dan weer een stuk voorzichtiger uit. "We zijn nog ver van aankondigingen of een definitieve deal", nuanceerde hij.
Maar zover zal het niet komen, stelde de Britse minister van Cultuur Michele Donelan. "Ik ben hierover heel duidelijk: ik denk niet dat de Elgin Marbles moeten terugkeren naar Griekenland. Ze horen hier in het Verenigd Koninkrijk, waar we er al heel lang zorg voor hebben gedragen."
Doos van Pandora
De minister zegt er niet aan te twijfelen dat museumdirecteur John Osborne het met haar eens is. "Ik denk dat zijn standpunt over dit onderwerp verkeerd begrepen is en op een foute manier is voorgesteld. Hij zal de "Elgin Marbles" niet teruggeven. Dat is niet zijn intentie."
De Parthenonfriezen teruggeven zou volgens de minister betekenen - om in Griekse sferen te blijven - dat de doos van Pandora wordt geopend. "Het zou de deur openzetten naar vragen over de hele inhoud van onze musea", vreest ze. Westerse musea staan de laatste jaren steeds meer onder druk om kunststukken, zeker als ze die verwierven tijdens de koloniale periode, terug te geven aan het land van herkomst.
De reactie van de Britse minister is een streep door de rekening van de Griekse premier Kyriakos Mitsotakis. Die had gisteren nog gezegd dat hij weliswaar geen snel resultaat verwachtte, maar dat er toch al grote stappen waren gezet. "Als de Griekse bevolking ons opnieuw haar vertrouwen geeft, geloof ik dat we ons doel zullen bereiken", zei Mitsotakis, wiens ambtstermijn in juli afloopt, waarna hij opnieuw verkozen hoopt te raken.

