Een Uber-chauffeur heeft wel degelijk een zelfstandigenstatuut. Zo oordeelt althans de Franstalige arbeidsrechtbank van Brussel. De arbeidsrechtbank fluit daarmee de Administratieve Commissie ter regeling van de Arbeidsrelatie (CAR) terug, die had gezegd had dat de betrokken chauffeur een werknemer was.
"Uber-chauffeur heeft wel degelijk zelfstandigenstatuut", oordeelt Brusselse rechtbank
Het nieuws is gemeld door United Freelancers, de ACV-afdeling voor zelfstandigen zonder personeel en platformwerkers. De CAR is een administratief orgaan, dat deel uitmaakt van de FOD Sociale Zekerheid. De CAR beoordeelt arbeidsrelaties, en dus of iemand werknemer of zelfstandige is.
De betrokken Uber-chauffeur was in juli 2020 naar de CAR gestapt met het argument dat hij geen zelfstandige was maar een werknemer, omdat Uber zijn arbeidsvoorwaarden zou bepalen.
De CAR had geoordeeld dat er een duidelijke relatie van ondergeschiktheid was tussen de chauffeur en Uber, en dat de man dus effectief een werknemer was. Maar Uber was tegen die beslissing in beroep gegaan bij de arbeidsrechtbank. Die heeft de CAR nu dus teruggefloten.
"De rechtbank vernietigt de beslissing van de CAR van 2020," zegt Martin Willems van ACV-CSC United Freelancers, "en zegt dat de aard van de arbeidsrelatie tussen deze chauffeur en UBER/PRA niet geherkwalificeerd moet worden. Volgens hem gaat het wel over een 'zelfstandige' arbeidsrelatie."
De vakbond verbaast zich erover dat de beslissingen, zowel in België als in vergelijking met onze buurlanden, zo tegenstrijdig zijn. "Dat toont aan dat onze wetgeving allesbehalve duidelijk is", klinkt het.
Volgens Uber bevestigt de rechtbank nu dat chauffeurs die de Uber-app gebruiken de flexibiliteit hebben om te kiezen waar, wanneer en hoe lang ze rijden. Ze mogen bovendien ook ritten aanbieden via apps van andere bedrijven. Begin volgend jaar verandert de wetgeving en is duidelijker omschreven wanneer iemand die met zo'n app werkt werknemer is, en wanneer niet.


