Het Amerikaanse Congres heeft Taiwan voor 10 miljard dollar aan militaire steun beloofd. Met die Amerikaanse wapens moet Taiwan zich kunnen verdedigen tegen een mogelijke aanval van China, dat het eiland als een afvallige provincie beschouwt. Het gaat om het grootste hulppakket in 10 jaar tijd, en dat kan door Peking als een nieuwe provocatie aanzien worden.
Nieuwe Amerikaanse militaire steun voor Taiwan kan spanningen met China weer doen oplopen
Met een overweldigende meerderheid werd in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een wetsvoorstel goedgekeurd dat tot 10 miljard dollar aan militaire steun voor Taiwan omvat en de verkoop van Amerikaanse wapens aan dat eiland moet versnellen. Het voorstel heeft nog de goedkeuring nodig van de Senaat en de handtekening van president Joe Biden.
Concreet betekent het dat Taiwan vanaf volgend jaar tot 2027 jaarlijks tot 2 miljard dollar krijgt om Amerikaanse wapens aan te kopen. Taiwan zou ook 1 miljard dollar per jaar krijgen voor directe wapenleveringen en militaire opleiding door de VS. Het voorstel verplicht de Amerikaanse ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie ook om elk verzoek van Taiwan "met voorrang en sneller te behandelen".
Volgens Bob Menendez, Democratisch senator en voorzitter van de Commissie Buitenlandse Betrekkingen, zal de nieuwe wet het partnerschap van de Verenigde Staten met Taiwan aanzienlijk versterken. "De democratie van Taiwan blijft het kloppende hart van onze strategie voor de Indo-Pacific, en de kracht van onze betrokkenheid met de bevolking van Taiwan is sterker dan ooit."
Biden zet koers van Trump verder
Door de Taiwan Relations Act uit 1979 is Amerika bij wet verplicht om Taiwan militaire steun te bieden. Toenmalig president Jimmy Carter had in dat jaar de formele diplomatieke banden met het eiland verbroken en China formeel erkend. Maar om Taiwan te beschermen tegen Chinese agressie werd de wet in het leven geroepen.
Sindsdien vormt de Taiwan Relations Act de basis voor de betrekkingen van Washington met Taipei. De wet vereist dat er wapens geleverd moeten worden zodat Taiwan zich kan verdedigen, maar laat in het midden of de Verenigde Staten Taiwan ook effectief zullen verdedigen als China aanvalt, een beleid dat bekend staat als "strategische ambiguïteit".
In de praktijk betekent het dat Taiwan de afgelopen jaren een van de grootste importeurs van Amerikaanse wapens is geworden en tot de tanden bewapend werd. President Barack Obama keurde twee grote steunpakketten van in totaal ongeveer 12 miljard dollar goed, zijn voorganger president George W. Bush keurde negen wapenpakketten goed, ter waarde van ongeveer 5 miljard dollar.
Maar het was president Trump die er nog een schepje bovenop deed. Hij keurde maar liefst tien grote militaire verkopen aan Taiwan goed ter waarde van miljarden dollars. Terwijl zijn voorgangers het "één-China-beleid" niet in twijfel trokken, deed hij dat wel. Naarmate hij de relatie tussen de VS en Taiwan verdiepte, ondanks de dreigementen van China, namen ook de spanningen toe.
Zijn opvolger Biden draaide veel beslissingen uit het Trump-tijdperk terug toen hij aan de macht kwam, maar dat deed hij niet als het gaat over nauwere betrekkingen met Taiwan. In plaats van terug te keren naar de minder opruiende positie van "strategische ambiguïteit", liet hij verschillende keren verstaan dat de VS Taiwan ook militair zou bijspringen bij een aanval uit China. Dat werd hem door zijn eigen adviseurs niet in dank afgenomen.
Oorlog is niet voor morgen
Als hij dit hulppakket goedkeurt, dreigt Biden China nog verder tegen zich in het harnas te jagen. China reageerde de voorbije maanden al woedend op bezoeken van westerse politici. Zeker na de reis naar Taiwan in augustus van Nancy Pelosi, voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, stegen de spanningen naar het hoogste niveau in jaren. China hield als reactie grote militaire oefeningen in de regio uit protest (zie kaart onderaan), en bereidde een oorlogsscenario voor.
De nieuwe militaire steun zal wellicht opnieuw leiden tot spanningen tussen China en de Verenigde Staten. Maar een gewapend conflict is niet voor morgen. China is daar voorlopig militair niet klaar voor. Militaire experten schatten dat China pas tussen 2027 en 2030 voldoende militair is uitgerust voor een militaire invasie van Taiwan.
Dat wil echter niet zeggen dat China dat ook van plan is. De gevolgen zouden immers rampzalig zijn. Voor China, voor de regio, en voor de hele wereld. Veel hangt af van wat de komende jaren gebeurt, bijvoorbeeld met het onafhankelijkheidsstreven van de Taiwanezen zelf. Die trekken begin 2024 weer naar de stembus. Maar algemeen wordt aangenomen dat president Xi Jinping tegen 2049, wanneer de Chinese Volksrepubliek precies 100 jaar bestaat, Taiwan weer bij het moederland wil aangehecht zien.


