De rellen na de WK-match tussen België en Marokko zinderen nog na. Wie zijn de jongeren die de buurt rond de Anspachlaan kort en klein hebben geslagen, waarom doen ze dat en hoe kunnen we dat voorkomen? In de zetel van “VRT NWS laat” zitten Sarah Frederickx, woordvoerder van de politiezone Brussel-Zuid en Hassan Al Hilou van vzw Capital, een organisatie die Brusselse jongeren begeleidt in hun persoonlijke en professionele ontwikkeling.
Wie waren de relschoppers in Brussel?: "Het soort publiek dat we ook zien op oudejaarsnacht"
De Rode Duivels moesten gisteren twee doelpunten incasseren tegen de Leeuwen van de Atlas. ‘Een collectief falen’, zo schrijft onze sportredactie. Maar na de match is er op een ander niveau gefaald. Relschoppers zakten af naar het centrum van Brussel om zo veel mogelijk schade aan te richten. De Marokkaanse gemeenschap en bij uitbreiding de hele bevolking reageerde ontzet.
"Goed voorbereid"
Volgens Sarah Frederickx, woordvoerder van de politiezone Brussel-Zuid was de politie goed voorbereid. “We wisten dat er bepaalde risico’s waren en we waren daarop georganiseerd. We zaten met alle zones in één commandocentrum, zodat we heel snel op elkaar konden inspelen”
"Achteraf is het altijd makkelijk om te zeggen dat het anders had kunnen lopen, maar de vraag die we ons moeten stellen is in welke soort maatschappij wij willen leven", zegt Frederickx. "We kunnen iedereen hermetisch in zijn huis opsluiten en dan zal je zoiets niet voorhebben, maar natuurlijk trekt de politie hieruit lessen. Er zijn debriefings en we bereiden ons ook voor op de komende matchen.”
Wie zijn de relschoppers?
"De relschoppers zijn jongeren tussen 14 en 25 jaar", zegt Frederickx. "Het zijn vaak ook namen of gezichten die we eerder hebben gezien. Het gaat hier niet om stadsbendes of drugsbendes, waar territorium of geld mee gepaard gaat, maar puur om relschoppers. Het soort publiek dat we ook zien op oudejaarsnacht bijvoorbeeld.”
Zeker als het niet hun eerste keer is, kan dat frustraties opwekken bij bijvoorbeeld handelaars die het slachtoffer zijn van vandalisme. “Onze prioriteit in zo’n situatie is het waarborgen van de openbare orde. Daarbij gaan we ook bepaalde personen proberen isoleren om ze te laten afkoelen.”
"In Brussel zijn er 150.000 jongeren en de meesten willen gewoon samen met hun vrienden naar de wedstrijd kijken in een aangename locatie", zegt Hassan Al Hilou die met vzw Capital hun gebouw heeft opengesteld om de match te zien. “Het gaat hier om onze relschoppers”, zegt Al Hilou. “Jongeren die hier geboren en opgegroeid zijn, zonder een bepaalde cultuur, nationaliteit of geschiedenis die we aan hen moeten koppelen."
Perspectieven bieden
”Je moet ze eerst straffen, maar we moeten ook jongeren die doelloos zijn en die ervan uitgaan dat ze met zo’n rellen status kunnen bouwen, perspectieven geven.” In Brussel zijn de cijfers negatief, zegt Al Hilou. "1 op drie families woont in een te klein appartement, 26 procent van de jongeren zijn werkloos, 11 procent behaalt zijn secundair diploma niet."
Als iedere schakel zijn rol speelt, dan gaat heel de machine beter draaien
"Als politie zijn we een belangrijke partner in dat verhaal, al komen wij vaak op het einde van de keten aan bod." De politie kan hierin dus een rol spelen, maar volgens Frederickx is er een gedeelde verantwoordelijkheid. "Als iedere schakel zijn rol speelt, dan gaat heel de machine beter draaien. Al Halou wil dat de jeugdsector ook een eenheid van commando creëert. "Op momenten dat jongeren het meest een veilige ruimte nodig hebben, moet we ook open zijn. Hoeveel waren er zondag open?"


