Dat het Saint Luc-ziekenhuis donderdagochtend bij de opname van Yassine Mahi geen informatie kreeg over het feit dat hij als "potentieel gewelddadig extremist" te boek stond, is gewoon de standaardprocedure, zo stelt psychiater Kirsten Catthoor. Mahi stak later op die dag een agent dood. Volgens Catthoor moet en kan die informatie-uitwisseling beter. En ook bij politie en parket zijn ze dezelfde mening toegedaan, blijkt in "De zevende dag".
Waarom kreeg ziekenhuis geen info over het risicoprofiel van man die later agent doodstak? "Standaardprocedure", stelt psychiater
Even terugspoelen: donderdagochtend, voor de mesaanval van Yassine Mahi op twee agenten in Schaarbeek, had hij zichzelf nog aangeboden bij de politie met de boodschap dat hij haat voelde tegen de politie en dat hij psychologische hulp nodig had. Na overleg van de politie met het parket werd hij naar het Saint-Luc-ziekenhuis gebracht. Maar daar vertrok hij niet veel later weer uit de wachtkamer. Volgens het ziekenhuis waren ze daar niet op de hoogte van het feit dat Mahi ook op de OCAD-lijst stond als "potentieel gewelddadig extremist".
Gesloten, beveiligde observatiecentra voor gevaarlijke mensen met psychiatrische problemen, dat is een manco in dit land
Kirsten Catthoor, psychiater en voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie
Het onderzoek moet dat uiteraard nog bevestigen, maar voor Kirsten Catthoor, psychiater en voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Psychiatrie, klinkt dat verhaal helemaal niet zo verrassend. "Standaardprocedure", noemt ze dat in "De ochtend" op Radio 1. "Bij het inschatten van een mogelijke gedwongen opname krijgen wij geen enkele informatie van justitie. En dat is jammer. Ik denk dat het zowel voor de hulpverlener als voor justitie zinvol zou zijn om informatie uit te wisselen, uiteraard binnen de context van beroepsgeheim en vertrouwelijkheid."
Het was bovendien ook geen gedwongen opname, omdat Mahi net zelf om hulp had gevraagd. "Er zijn drie voorwaarden waaraan voldaan moet zijn. Er moet een psychiatrische aandoening zijn, er moet een gevaar zijn voor zichzelf of voor andere en er moet een gebrek zijn aan een alternatieve, vrijwillige behandeling. Er mag dus geen enkele andere behandeloptie zijn dan een gedwongen opname door de rechter. Als iemand dus bereid is tot vrijwillige hulpverlening, vervalt de voorwaarde tot gedwongen opname. Dat heeft een reden: men wil af van die gedwongen psychiatrie. Het is de betrachting om zoveel mogelijk mensen in een vrijwillig hulpverleningstraject te krijgen. Dat verdient altijd de voorkeur."
Systeemfout?
Olivier Slosse, de korpschef van de politie van Brussel-Noord, analyseert in "De zevende dag" dat er ergens een fout in het systeem lijkt te zitten. "Er bestaat inzake gewelddadig radicalisme een structuur van opvolging, van regelmatige bespreking van dossiers, van wisselwerking tussen repressie en preventie dat we helemaal niet hebben aan de kant van de geestelijke gezondheidszorg. Dagelijks staan in het hele land het parket, de politie en de psychiatrische wereld met elkaar in contact, maar die praten niet met elkaar en die kunnen niet met elkaar praten."
Ik ben boos over het feit dat het systeem dit als resultaat kan hebben
Olivier Slosse, korpschef van de politie van Brussel-Noord
Of zoals hij het later in het gesprek uitdrukt: "Ik ben boos over het feit dat het systeem dit (de dood van een politieagent, red.) als resultaat kan hebben." Nochtans bestaan er wel "kaders" voor dat overleg tussen politie, parket en psychiatrie, reageert procureur des Konings Ine Van Wymersch van het parket Halle Vilvoorde. "Maar het water is nog altijd zeer diep om die informatie te delen", geeft ze toe. "We stimuleren dat overleg, maar we stellen vast dat zelfs binnen die kaders het zeer moeilijk is om informatie uit te wisselen."
Volgens voormalig minister van Justitie Koen Geens (CD&V) ligt de sleutel in de discussie over deze zaak bij wat het parket heeft toegelaten dat er aan het ziekenhuis werd meegedeeld over Mahi. "De politie kon in dit geval enkel iets meedelen aan het ziekenhuis als dat gebeurde onder toezicht van het parket. De wetgeving laat bijvoorbeeld niet toe dat de politie bleef wachten en die man controleerde bij buitenkomst. De wetgeving laat wel toe, als de parketmagistraat dat toelaat, dat de politie deelt met ziekenhuis wat er aan de hand is. Misschien heeft die dat gedaan, maar dat weet ik niet." Van Wymersch en Slosse benadrukken dat de onderzoeksrechter dat laatste op dit moment aan het onderzoeken is.
Hoogbeveiligde settings nodig
Over iemand die zeer gevaarlijk is, kan je je bovendien afvragen of die wel in de reguliere psychiatrie moet terechtkunnen, voegt Catthoor nog toe. "Ik denk dat er specifieke forensische settings nodig zijn, een beetje naar Nederlands model, waar ook beveiliging centraal staat. Iemand die in een regulier ziekenhuis of op een reguliere psychiatrische dienst terechtkomt, komt op een afdeling met twee of drie verpleegkundigen. In Nederland is er 2 weken geleden nog een incident geweest waarbij er iemand is doodgestoken: exact hetzelfde als wat er nu op straat is gebeurd in Brussel, maar dan binnen de psychiatrie." In dat geval verplaats je het probleem alleen maar, stelt Catthoor.
"We hebben nood aan hoogbeveiligde settings waar aan diagnostiek en observatie kan gedaan worden. Dat hebben wij niet. We hebben wel settings voor behandeling, waarbij mensen al een heel traject aan observatie hebben doorgemaakt, helaas vaak in de gevangenis. Maar gesloten, beveiligde observatiecentra voor gevaarlijke mensen met psychiatrische problemen, dat is een manco in dit land."
Maar om dat mogelijk te maken, is er een hele reorganisatie nodig. "Die analyse moet worden gemaakt door zowel de psychiatrische hulpverlening als justitie, in samenwerking. En die samenwerking is er nu veel te weinig."




