De zogenoemde KOALA-testen, die het taalniveau meten bij kleuters, vragen veel extra werk, maar helpen scholen wel om hun taalbeleid te versterken. Vooral scholen met veel kansarme kleuters vinden het een meerwaarde. Scholen met veel kinderen die weinig problemen hebben met het Nederlands, vragen een moeilijkere test. Dat blijkt uit een rapport van de Vlaamse onderwijsinspectie.
Taaltest bij kleuters: "Veel extra werk voor de school, maar het helpt om nog meer bewust te werken rond taal"
Nog tot eind november leggen zo'n 70.000 kinderen uit de derde kleuterklas de KOALA-test af. Voor de tweede keer al worden deze verplichte taalscreenings georganiseerd. De eerste keer was vorig schooljaar tijdens dezelfde periode. De onderwijsinspectie vroeg leraren en directies naar hun ervaringen met die eerste test.
Wat is die KOALA-test ook weer?
Zo meteen meer over de bevindingen van de onderwijsinspectie. Maar eerst nog eens uitleggen wat die KOALA-test precies inhoudt. In het kader van het devies “meten is weten”, test deze screening de luistervaardigheid van kleuters. In het eerste deel krijgen ze individueel doe-, zoek- en kiesopdrachten zoals “ neem de hoepel en ga er in zitten” of “zet het meisjespopje hoger op de trap dan de jongen”.
Bedoeling is om na te gaan of de kleuters de opdrachten begrijpen en ze ook kunnen uitvoeren. In het tweede deel vullen de leerlingen in kleine groepjes opdrachtboekjes in. De kinderen krijgen een score met kleuren: groen, oranje en rood. Wie rood scoort, krijgt een taaltraject aangeboden waar intensief wordt gewerkt op de Nederlandse taal.
Waarom is de KOALA-test ingevoerd?
Om mogelijke taalachterstand bij kleuters zo snel mogelijk op te sporen en aan te pakken. Het is namelijk bewezen dat je taal goed beheersen belangrijk is om later ook goed te kunnen rekenen of de lessen wereldoriëntatie te kunnen volgen. De Vlaamse regering ziet in de KOALA-test een instrument waarmee kinderen die het moeilijk hebben met Nederlands snel geholpen kunnen worden om de taal onder de knie te krijgen. In de hoop dat kinderen zo ook een goeie start kunnen maken in het eerste leerjaar.
Is dat gelukt?
Het is nog te vroeg om te weten of deze taalscreenings echt effect hebben en kinderen meer kansen geven op een succesvolle onderwijsloopbaan. Maar uit de bevraging over de eerste testen blijkt dat vooral scholen met veel kansarme leerlingen de screening een stimulans vinden om hun taalbeleid te versterken.
Veel extra werk
Zelf gingen we eens kijken in kleuterschool de Heilige Familie in Sint-Niklaas. De organisatie van de KOALA-test is organisatorisch een hele klus, zien we daar. Terwijl de klasjuffen de individuele testen van 10 minuten per kind afnemen, springen de zorgjuffen en de turnleerkracht mee in om de andere kleuters op te vangen.
Ook het kopiëren van de opdrachtenbundels in kleur is veel extra werk en kost ook wel wat geld. De digitale versie van de test die was beloofd, hebben ze hier nog niet gezien.
Het geeft je een spiegel voor je eigen werking rond taalbeleid
Zorgcoördinator Anke Cappaert
Maar toch vindt het schoolteam de taalscreening een meerwaarde. “Ze geven je een goed beeld van je kleuters”, vindt juf Carine die al 33 jaar voor de klas staat: “ Je schat op voorhand de luistervaardigheid van je kleuters in, en bij de test zie je soms toch wel dat je sommige kinderen overschat, maar andere kinderen ook wel onderschat. En dat is dan een moment voor jezelf om daar bij stil te staan, oei die had ik toch anders ingeschat”.
Ook de zorgcoördinator van de school, Anke Cappaert, stelt dat het team veel kan leren uit de screenings. Zij vindt het vooral interessant dat ze hun scores kunnen vergelijken met die van gelijkaardige scholen: “Ik vind het mooiste aan de KOALA-testen dat je kunt vergelijken met andere scholen en dat je op dat vlak met je team wel een mooie spiegel hebt voor je eigen werking.”
Op basis van de eerste screening vorig jaar heeft de school zijn taalbeleid nog bijgestuurd. “We zijn er ons nu nog meer dan vroeger van bewust dat je al vanaf de peuters moet starten met verhalen voorlezen en open vragen stellen”, zegt juf Carine. Ze pleit er voor om ook in het eerste leerjaar de taaltrajecten voor kinderen die het moeilijk hebben met Nederlands voort te zetten.
Verfijning van de test
Maar scholen met veel taalsterke leerlingen, vinden zo’n een zelfde test voor alle kleuters geen goeie zaak, zegt inspecteur-generaal Lieven Viaene:” Scholen met veel leerlingen die geen grote problemen hebben rond het verwerven van de Nederlandse taal, vinden dat ze niet zoveel winst halen uit de screening. Al hun leerlingen scoren vrij hoog en daarom pleiten zij voor een meer gedifferentieerde test die naast luistervaardigheid bijvoorbeeld ook rekenvaardigheden meet.”


