Een rechercheur van de federale politie is veroordeeld voor valsheid in geschrifte omdat hij cruciale informatie in een moorddossier niet had verwerkt in zijn proces-verbaal. De rechtbank verwijt de speurder tunnelvisie. "Van een rechercheur mag er verwacht worden dat hij zich loyaal gedraagt en de verklaringen van een verdachte nauwgezet en waarheidsgetrouw opneemt in zijn processen-verbaal."
Een scherp vonnis, maar een milde straf: speurder veroordeeld voor valsheid in geschrifte
In de zomer van 2009 wordt Ihsane C. vermoord. Het onderzoek zit lange tijd in het slop. In het najaar van 2011 worden drie verdachten opgepakt. Een van hen is Carlo V., een zwakzinnige jongeman.
Carlo V. wordt verschillende keren verhoord, soms uren- en nachtenlang. Hij legt diverse verklaringen af waarin hij soms (gedeeltelijk) bekent om er dan later op terug te komen. Tijdens het eindverhoor voor de onderzoeksrechter, stelt de jongeman dat hij niets met de zaak te maken heeft en dat de politie hem onder druk gezet heeft om verklaringen af te leggen.
Rechercheur in de zaak veroordeeld
De advocaten van Carlo V. maken brandhout van het politiewerk. In oktober 2020 wordt hij door de rechtbank vrijgesproken. Na afloop van het proces start het parket een afzonderlijk onderzoek naar de omstreden wijze van verhoren van Carlo. De belangrijkste speurder in de zaak is nu veroordeeld voor valsheid in geschrifte. Het uitvoerig gemotiveerde vonnis is bijzonder scherp: een rechercheur, zo stelt de rechtbank, "heeft niet het recht om zelf misdrijven te plegen onder het mom van waarheidsvinding".
Hoewel er verschillende verhoren waren die omstreden verliepen, spitste de rechtbank zich toe op één detailkwestie. Tijdens het verhoor van 16 november 2011 vraagt de verdachte om even te pauzeren. Het is inmiddels 01.26 u ’s nachts. Tijdens de pauze hoor je de speurder op de verdachte inpraten, terwijl ze samen op de gang staan. En dat gebeurt niet bepaald zachtzinnig. Enkele fragmenten:
D’er is niemand die u gaat geloven Carlo, niemand op basis van de details dat je geeft.
Niemand, ik hoop je zelf, je zelf ook niet.
’t Verschil tussen 30 jaar, 8 jaar, 5 jaar.
We zien u al denken aan 30 jaar.
Vanaf nu mag je nog 100 keer zeggen dat het verzonnen is, geen mens die dat nog gelooft.
Wil je alstublieft niet je eigen belachelijk gaan maken hé.
"Niets bijzonders"?
Omdat de opname-apparatuur bleef doorlopen, is dit gesprek wel geregistreerd, en toch is er geen letter van terug te vinden in het proces-verbaal. “Omdat", zo zegt de speurder, “het niets bijzonders is”.
De rechtbank denkt daar duidelijk anders over. Wat daar op de gang gezegd werd, is wel degelijk relevant. “Een proces-verbaal heeft als doel een objectieve weergave, en dus een correcte afspiegeling, te zijn van zowel de totstandkoming van het verhoor als van het verloop van het verhoor.” Met andere woorden: ook schijnbaar informele gesprekjes over het dossier zijn voor een rechter van belang, zelfs als ze tijdens een plaspauze gebeuren. Om tot een evenwichtige uitspraak te komen, moet de rechter over alle informatie beschikken. Zwijgen is dus geen optie.
Bovendien wist de speurder dat zijn manier van werken omstreden was, zeker in deze zaak, met een kwetsbare verdachte. De advocaten van Carlo hadden daar al verschillende keren ondubbelzinnig op gewezen. Het zou de speurder “in elk geval tot bijzondere voorzichtigheid en accuraatheid aangemaand moeten hebben,” zo staat te lezen in het vonnis.
"Het doel heiligde alle middelen"
De rechtbank beoordeelt het feit dat de speurder deze passage niet noteerde als ‘waarheidsvermomming’. De speurder gaat daarmee strafrechtelijk in de fout, hij pleegt valsheid in geschrifte, hij zondigt ook tegen de politiedeontologie: die stelt dat een verdachte het recht heeft om te zwijgen en niet kan gedwongen worden een misdrijf te bekennen.
De beklaagde toonde zich als een onbetrouwbare en deloyale speurder die zich blijkbaar had vooropgesteld dat het doel de middelen heiligde
Het gebeurt bijzonder zelden dat speurders door een rechtbank veroordeeld worden. De striemende bewoordingen vallen op. “De beklaagde toonde zich in dit dossier alleszins als een onbetrouwbare en deloyale speurder die zich, niet in het minst door de wisselende verklaringen van C.V.H., blijkbaar had vooropgesteld dat het doel de middelen heiligde. Hij stond op geen enkel ogenblik stil bij het feit dat de wisselende verklaringen van C.V.H. ingegeven waren door diens beperkte intellectuele capaciteiten (…). Sinds de verhoren van C.V.H. handelde hij vanuit een tunnelvisie waarbij diens verklaring waar moest zijn zodat de daders van de moord geïdentificeerd konden worden. Hiervoor heiligde het doel alle middelen.”
Hij handelde vanuit een tunnelvisie
De rechtbank is duidelijk: “Van een rechercheur bij de Federale Gerechtelijke Politie (…) mag er verwacht worden dat hij zich loyaal gedraagt in een onderzoek en dat hij de verklaringen evenals de omstandigheden waarin de verklaringen werden afgelegd, nauwgezet en waarheidsgetrouw opneemt in zijn processen-verbaal.”
De rechtbank houdt nog wel rekening met de staat van dienst van de betrokken rechercheur, maar "deze staat van dienst in het teken van het veiliger maken van de maatschappij, verleent hem echter niet het recht om zelf misdrijven te plegen onder het mom van de waarheidsvinding.”
Scherp vonnis, milde straf
Het zijn erg scherpe woorden, maar zo sterk de formulering is, zo zwak is de effectieve veroordeling. Het openbaar ministerie vroeg 20 maanden, de rechtbank sprak slechts een principiële bestraffing uit: zes maanden met uitstel. Het is vreemd dat men erg zwaar tilt aan de feiten, maar dat men in de straftoemeting dan weer erg mild is.
De rechtbank kan zich natuurlijk slechts uitspreken over de feiten die aan haar worden voorgelegd. Maar er is tijdens het volledige moordonderzoek wel meer fout gelopen dan de 8 minuten die niet zijn geacteerd in het proces-verbaal. Het is moeilijk om aan te nemen dat slechts één speurder in de fout ging gedurende een paar minuten in een onderzoek dat zo'n tien jaar aansleepte en finaal eindigde met de vrijspraak van vier verdachten. Wat met de verantwoordelijkheid van de collega-speurders die ook op een erg omstreden manier gewerkt hebben in dit dossier? Wat met het toezicht van de hiërarchische overste, de onderzoeksrechter? Dat er in dit dossier heel veel verkeerd is gelopen, bleek al uit het vonnis in de moordzaak: alle vier de verdachten werden in 2020 vrijgesproken en de moord is sindsdien onopgelost gebleven.
Anderzijds wijst deze rechtbank wel duidelijk op de gevaren van tunnelvisie bij speurders, een gevaar waar rechtspsychologen al herhaaldelijk voor waarschuwden. Het vonnis maakt duidelijk dat in een proces-verbaal alles moet genoteerd worden wat relevant is. Het is een kwestie die in strafzaken wel vaker aan de orde is: in welke mate is het proces-verbaal een realistische en volledige weergave van wat er gezegd wordt tijdens het verhoor? In dit concrete dossier vroeg de verdachte niet dat alles letterlijk zou genoteerd worden maar, dat maakt dit vonnis duidelijk, een rechtbank moet er wel kunnen op vertrouwen dat speurders loyaal hun werk doen.
Het volledige vonnis kan u hier lezen.



