De bacteriën in onze stoelgang beschermen ons tegen ziekte en ze beïnvloeden mogelijk ook de werking van ons brein. Wetenschappers onderzoeken of stoelgangtransplantaties ook kunnen helpen bij het behandelen van angst en depressie. Veelbelovend onderzoek, met een geurtje aan.
Onderzoek met 'n geurtje: kan stoelgangtransplantatie helpen bij behandeling van angst en depressie?
Naar schatting 100 biljoen bacteriën leven in je darmen. Die bacteriën zitten daar niet zomaar, ze zijn belangrijk voor je gezondheid. Problemen met de darmflora zijn gelinkt aan een lange lijst gezondheidsproblemen, van prikkelbaredarmsyndroom tot overgewicht.
Wat minder geweten is: darmbacteriën hebben mogelijk ook een invloed op het functioneren van je brein. Ze kunnen tot op zekere hoogte zelfs je gedrag beïnvloeden. Dat blijkt uit recent onderzoek naar de "darm-brein as".
Stoelgang transplanteren
Dat darm-brein onderzoek begon met merkwaardig onderzoek bij muizen. Wetenschappers transplanteerden darmflora (lees: stoelgang) van angstige of depressieve muizen naar "normale" muizen. Die muizen vertoonden na de ingreep angstiger, depressiever gedrag. Het was alsof niet alleen darmbacteriën, maar ook gedrag getransplanteerd werd.
De onderzoekers gingen vervolgens nog een stap verder: ze transplanteerden stoelgang van mensen naar muizen. "Een deel van de muizen kreeg stoelgang van mensen met angst of depressie", zegt professor Lukas Van Oudenhove (KU Leuven). "Andere muizen kregen stoelgang van mensen zonder psychische problemen."
Het resultaat was opnieuw verrassend: muizen die stoelgang kregen van mensen met angst of depressie gingen zich anders gedragen. Ze vertoonden angstiger of depressiever gedrag. Dat effect was er niet bij de controlegroep die "normale" mensenstoelgang kreeg.
"Het komt erop neer dat we psychologische kenmerken kunnen transplanteren door stoelgangtransplantaties", zegt Van Oudenhove. "Dat is echt straf. Als we dat ook bij mensen kunnen aantonen, dan is het zelfs revolutionair. Het zou een nieuw pad kunnen openen voor de behandeling van psychische aandoeningen."
Mensen en muizen
De vertaalslag van muizen naar mensen is volgens Van Oudenhove niet vanzelfsprekend. "Er zijn veel anatomische verschillen tussen mensen en muizen. Zo zijn de hersenen van muizen helemaal anders dan mensenhersenen. Onze maag is ook veel zuurder dan die van muizen, en ook daardoor zien hun darmflora er heel anders uit."
Daarnaast zijn er ook ethische beperkingen. "Je kunt geen stoelgang van iemand die depressief is, transplanteren naar iemand die niet depressief is om te zien wat er dan gebeurt. Dat mag uiteraard niet."
Toch zijn er inmiddels een tiental studies naar het effect van stoelgangtransplantaties op psychische klachten bij mensen. Stoelgang van gezonde vrijwilligers wordt dan getransplanteerd naar patiënten met klachten als angst, depressie en vermoeidheid.
Drink je echt de wijn die je gekocht hebt of een vervalsing? En kijken dieven mee op je Strava-app?
Bij de meeste van deze studies was er een tijdelijk positief effect op het psychisch welzijn van de patiënten. Mensen voelden zich even wat minder angstig of depressief. Hoopgevend, al is er ook minder goed nieuws: na enkele maanden verdween het effect en keerden de oude problemen terug. Er was geen sprake van "genezing".
Er zijn ook andere beperkingen. "Het gaat vooral om kleine studies zonder controlebehandeling", zegt professor microbiologie Marie Joossens (UGent). "Iedere deelnemer weet dus dat hij of zij behandeld wordt, wat mogelijk zorgt voor een placebo-effect. Ook zijn de lange termijneffecten van stoelgangtransplantaties nog niet genoeg onderzocht."
Een veelbelovende piste
Een ding staat wel al vast: de lange arm van onze darmbacteriën reikt mogelijk tot diep in ons brein. Dat is niet alleen bij muizen het geval, maar ook bij mensen.
Het gebruik van stoelgangtransplantaties voor het behandelen van psychiatrische problemen is volgens de auteurs van een overzichtsstudie "een interessant idee dat om verder onderzoek vraagt".
Donorstoelgang om angst en depressie te behandelen, het is een wat vreemde gedachte... maar ondenkbaar is het dus niet. Misschien zullen stoelgangtransplantaties in de toekomst ingezet worden voor het behandelen van psychische aandoeningen. Allicht niet als eerste optie of als enige behandeling, mogelijk wel als aanvulling bij bestaande behandelingen. Maar voor dit klinisch kan gebruikt worden is er zeker meer en beter onderzoek nodig.
Er zijn ook logistieke obstakels. Een pilletje slikken is eenvoudig, een stoelgangtransplantatie is dat niet. Eerst moet je een geschikte donor vinden. Daarna moet je de donorstoelgang correct bewaren, om te voorkomen dat de bacteriën doodgaan. Tenslotte moet je de stoelgang inbrengen bij de patiënt, in pilvorm of met een coloscopie. Bij al die stappen kan het fout lopen.
Temptation Island
Het grootste probleem: je bent nooit helemaal zeker wat je allemaal transplanteert. "Voor hetzelfde geld stijgt je risico op darmkanker, diabetes of de ziekte van parkinson plots", zegt Joossens. "Al die ziektes hebben iets te maken met je darmflora. Daarom zou ik nu zelf nooit een stoelgangtransplantatie overwegen. Je weet gewoon nog niet wat je allemaal krijgt."
Filosoof Kristien Hens (UAntwerpen) sluit zich daarbij aan. "Ik maak soms de vergelijking met deelnemen aan een realityprogramma als "Temptation island"", zegt ze. "Mensen doen daaraan mee, maar ze beseffen niet hoe groot de gevolgen kunnen zijn. Misschien ben je een ander persoon na je deelname dan voor de start van de opnames. Zoiets kun je niet helemaal vooraf inschatten."
Ook bij stoelgangtransplantaties is het niet makkelijk om vooraf de gevolgen in te schatten: wat als de ingreep verandert wie je bent?
Dat roept volgens Hens ethische vragen op, want geïnformeerde toestemming ("informed consent") is erg belangrijk bij medische ingrepen. "Als je superdepressief bent, dan maakt het misschien niet uit dat je iemand anders wordt na een stoelgangtransplantatie", zegt ze. "Toch is het altijd belangrijk dat mensen zélf kunnen beslissen, op basis van goede informatie: wil ik het risico lopen dat ik na de ingreep iemand anders ben of neem ik dat risico liever niet?"
Vage grenzen
Stoelgangtransplantaties voor het behandelen van angst of depressie zijn sowieso nog niet voor morgen. Eerst moet er nog veel onderzoek gebeuren. Toch kunnen we nu al belangrijke lessen trekken uit het darm-brein onderzoek.
Volgens Kristien Hens moeten we anders leren denken over "onze" bacteriën. "Zijn die bacteriën deel van ons? Of zijn dat dat organismen die per ongeluk in onze darmen zitten? Het is iets tussen de twee. Wij hebben die bacteriën, maar eigenlijk hebben zij ook ons. Eigenlijk vormen we samen een soort super-organisme."
"Het is vaak moeilijk om een strikte lijn te trekken tussen wat de bacteriën doen en wat we zelf doen", zegt ook Marie Joossens. "Het is het geheel dat telt."
Misschien is dat wel de belangrijkste conclusie van het darm-brein onderzoek: we zijn maar wie we zijn dankzij onze bacteriën... en zij hebben ons nodig om te overleven. We kunnen niet zonder elkaar.


