Begin dit jaar werd Merel (7) in twee weken tijd volledig blind. Het veranderde haar hele leven, en het is ook voor haar ouders en de school een grote aanpassing. In tegenstelling tot veel andere kinderen met een zware visuele beperking kon Merel op haar “gewone” lagere school blijven, met hulp van ondersteuners én haar klasgenoten. Wij gingen kijken hoe dat werkt. “Pano” gaat vanavond dieper in op inclusie in het onderwijs, om 21.30 uur op Eén.
Merel (7) uit Beveren werd in twee weken tijd blind, maar kon toch op haar gewone school blijven: zo pakken ze dat aan in de klas
Een hersentumor die al sinds haar vierde op haar oogzenuw duwde, zorgde ervoor dat Merel begin dit jaar haar zicht volledig verloor. Tijdens een bestraling van de tumor raakte de oogzenuw beschadigd, waardoor Merel nooit meer zal kunnen zien. Zelf heeft ze er intussen steeds meer vrede mee. “Ze is zo’n vrolijk kind”, zegt haar mama, Jolien. “En ze zegt nog altijd dat ze later juf wil worden, maar dan niet voor blinde kindjes.”
In België zitten kinderen met een beperking vaak in het buitengewoon onderwijs. Veel vaker dan in andere Europese landen, alleszins. Kinderen met een visuele beperking vallen daarin onder “type 6”. Maar Merel, die al in het eerste leerjaar was begonnen, kon op haar “gewone” school blijven. Dat Merel zo positief naar de toekomst kijkt, heeft mogelijk voor een stuk te maken met de zorg die ze daar krijgt. En zou het voorbeeld van haar juf Tine haar ook niet inspireren?
Toch mag niet de indruk ontstaan dat de ondersteuning van Merel op school moeiteloos verloopt. Voor haar ouders was het een lange zoektocht naar hulp. Merel krijgt nu een paar uren per week hulp van verschillende ondersteuners en de Brailleliga.
Stel dat er morgen andere ouders aankloppen met een blind kind, gaan we daar toch twee keer over nadenken
Ingrid Smet, directeur van de school
Ook voor de school heeft de zorg voor Merel een impact. “Het verhaal van Merel is een mooi verhaal, omdat de ouders daar zo achter zijn gaan staan. Stel dat er morgen andere ouders aankloppen met een blind kind, gaan we daar toch twee keer over nadenken”, zegt directeur van de school Ingrid Smet. Volgens de directrice ontbreekt het de school aan expertise om deze kinderen op te vangen, maar kon het bij Merel wel omdat ze de school al kende voor ze haar zicht verloor.
Chance
“Het is chance hebben”, geeft de moeder van Merel, Jolien, ook toe. “Ik denk niet dat die keuze altijd eerlijk is. Er zijn veel scholen die dit niet kunnen bieden, omdat ze te weinig personeel hebben.” Hoe groot de meerwaarde ook is, zegt ook haar vader, Benjamin. “Als kinderen op school niet leren om om te gaan met kinderen die anders zijn, hoe ga je dat dan als volwassene doen?”
Niet voor iedereen is de keuze voor een gewone school mogelijk. Zo is het voor Samira, mama van Rayan (8) met het syndroom van Down, niet gelukt om haar zoon op een “gewone” school te houden, al kan je zo'n gevallen uiteraard nooit één op één vergelijken.
Regionaal nieuws uit Oost-Vlaanderen






