Shell, BP, ExxonMobil, TotalEnergies… zonder uitzondering hebben de grote oliebedrijven het afgelopen kwartaal miljarden winst geboekt. Die enorme winsten hebben ze te danken aan het feit dat wij door de huidige energiecrisis met zijn allen historisch dure diesel en benzine tanken. Financieel econoom Tom Simonts van KBC legt uit hoe de grote oliebedrijven precies aan deze winsten komen en wat ze ermee (niet) doen.
"Recordwinsten zijn immoreel": Oliereuzen boekten 56 miljard dollar winst in 3 maanden tijd, maar oogsten ook kritiek
Hoeveel winst maken oliebedrijven?
De een zijn dood is vaak de ander zijn brood. Zo is het ook - onrechtstreeks - met de oorlog in Oekraïne. Door de inval van Rusland in Oekraïne hebben de grote oliebedrijven de afgelopen maanden enorme winsten geboekt, zo blijkt uit de kwartaalcijfers die de grote oliebedrijven de afgelopen dagen hebben bekendgemaakt.
Eergisteren was BP als laatste aan de beurt om met kwartaalcijfers te komen. Het Britse bedrijf kon de aandeelhouders een kwartaalwinst van maar liefst 9,3 miljard dollar presenteren, het hoogste kwartaalcijfer in 14 jaar. Dat resultaat ligt in de lijn van de kwartaalresultaten die de twee grootste Amerikaanse olieconcerns, ExxonMobil en Chevron , eerder voorlegden.
Zoals je in de onderstaande grafiek kan zien, boekten de grote oliebedrijven, in vergelijking met de eerste drie maanden van het jaar, in de daaropvolgende drie maanden véél grotere winsten:
Exxon, bij ons bekend onder de merknaam Esso, spande tijdens het tweede kwartaal dus de kroon met een winst van 17,9 miljard dollar, schrijft KBC-econoom Tom Simonts in zijn analyse op Bolero.be . Daarmee boekte Exxon de hoogste winst voor een internationale olieproducent in de hele geschiedenis, stelt de econoom vast.
Een dag eerder hadden het Britse Shell en het Franse TotalEnergies al laten weten dat ze in het afgelopen kwartaal samen bijna 51 miljard dollar omzet hadden gedraaid, zowat het dubbel van eerste halfjaar (!) van 2021.
Hoe komt het dat ze zulke hoge winsten boeken?
Als er op de economische markten verschillende gebeurtenissen samenvallen die elk een negatief effect hebben op de economische ontwikkeling, spreken we van een “perfecte storm”.
Voor de grote oliebedrijven gebeurt nu net het omgekeerde, legt Tom Simonts uit aan VRT NWS. “Ze zitten in - wat je zou kunnen omschrijven als - een perfect walhalla”, stelt Simonts vast, want alle sterren aan de oliehemel staan gunstig om hun winsten naar astronomische hoogtes te stuwen.
Hoe komt dat nu? Daarvoor moeten we kijken naar de twee grote bronnen van inkomsten van de oliegiganten. De eerste inkomstenbron ligt letterlijk aan de oliebron: de grote oliebedrijven pompen zelf ruwe olie op. In de olie-industrie wordt die de upstream genoemd.
Omdat er een enorme vraag naar olie is, levert die opgepompte olie op dit moment véél meer op dan gewoonlijk, stelt Tom Simonts vast. De ijzeren wet van vraag en aanbod stuwt immers de prijs.
“De prijs per vat zat het voorbije kwartaal rond de 100 dollar, terwijl die niet eens zo lang geleden rond de 40 à 50 dollar schommelde”, blikt Simonts terug.
De oliebedrijven zijn in twee jaar tijd van de hel naar de hemel gegaan.
Tom Simonts (KBC)
Sterker nog: na het uitbreken van de coronacrisis, ruim 2 jaar geleden, was de prijs voor ruwe olie zelfs even negatief. Door de lockdowns draaide de wereldeconomie plots onverwacht op een héél laag pitje, waardoor de oliebedrijven hun zwarte goud plots niet meer aan de straatstenen kwijt konden.
Maar de tijden zijn razendsnel veranderd: na de coronacrisis zijn we door de Russische inval in Oekraïne in een energiecrisis verzeild geraakt. Die crisis kende al een aanloop voor de Oekraïne-oorlog, merkt Tom Simonts op.
Na de coronacrisis trok de wereldeconomie al aan, waardoor de prijs van olie al flink aan het stijgen was: in oktober van vorig jaar was de prijs van een vat olie al naar 80 à 85 dollar gestegen.
Daar kwam begin dit jaar de oorlog in Oekraïne nog eens bovenop, waardoor de energiemarkten, waarop Rusland een belangrijke speler is, fel verstoord raakten. "Daardoor zijn de oliebedrijven in twee jaar tijd van de hel naar de hemel gegaan", concludeert Tom Simonts.
De tweede inkomstenbron zit bij de raffinaderijen van de oliereuzen, zoals er een aantal in de haven van Antwerpen zitten (zie foto van Total hierboven).
In die fabrieken met kilometers pijpleiding en torens met kenmerkende vlammen wordt de ruwe olie verwerkt tot afgewerkte producten zoals de benzine en diesel die wij in onze auto’s gooien. Dit wordt in het jargon de downstream genoemd. “Ook die levert hen op dit moment hoge marges op”, zegt Tom Simonts.
Wat doen de oliereuzen met hun winsten?
Terwijl de consument zich aan de pomp blauw betaalt; waar gaan de grote oliebedrijven naartoe met hun winsten? Wat doen zij hiermee? “Niets”, antwoordt Tom Simonts kort.
Hoezo niets? Leg dat eens uit. “Die winsten stromen allemaal naar hun balansen, waarbij er via dividenden en vooral zogenoemde inkoopprogramma’s (waarbij ze hun eigen aandelen terugkopen, red.) héél veel terugstroomt naar hun aandeelhouders”, verduidelijkt de financieel econoom.
Olie blijft op dit moment een aantrekkelijk alternatief voor beleggers die op zoek zijn naar een goed rendement.
Tom Simonts (KBC)
“In goede tijden steken de oliebedrijven normaal gezien een tandje bij en gebruiken ze hun winsten om te zoeken naar nieuwe olie. Maar dat is dit keer niet helemaal het geval meer: in de Verenigde Staten zijn er wel een pak boorplatformen bijgekomen, maar dat is meer uit de wil om blijvend onafhankelijk te zijn van oliebronnen.”
Als er al geïnvesteerd wordt, dan is dat in groene energie, zoals de markt van de laadpalen voor auto’s, ziet Simonts. “Maar dat is maar klein bier als je dat afzet tegen de miljarden winst die de Exxons en Chevrons van deze wereld maken.”
Maar, zo besluit Simonts, "ondertussen moet je objectief vaststellen dat olie, een product dat niet groen is of hernieuwbaar, op dit moment een aantrekkelijk alternatief blijft voor beleggers die op zoek zijn naar een goed rendement".
Kan dit zomaar?
Dat de energiereuzen enorme winsten boeken, terwijl de kleine man zich blauw betaalt aan de pomp roept vanzelfsprekend ook kritiek op. Ook de groten der aarde sparen hun kritiek niet over de zogenaamde overwinsten.
Zo heeft VN-secretaris-generaal Antonio Guterres gisteren nog de "hebzucht" van de grote olie- en gasbedrijven aan de kaak gesteld. "Het is immoreel dat olie- en gasbedrijven dankzij deze energiecrisis recordwinsten maken over de rug van de armste mensen en gemeenschappen en ten koste van het klimaat", zei Guterres op een persconferentie naar aanleiding van de publicatie van het derde VN-rapport over de wereldwijde gevolgen van de Russische invasie in Oekraïne.
Het is immoreel dat olie- en gasbedrijven recordwinsten maken over de rug van de armste mensen en gemeenschappen en ten koste van het klimaat.
VN-topman Antonio Guterres
Guterres roept alle regeringen op "deze buitensporige winsten te belasten en de middelen te gebruiken om de meest kwetsbaren in deze moeilijke tijden te steunen".
"Ik roep alle mensen op een duidelijke boodschap te sturen naar de fossiele brandstofindustrie en haar geldschieters, dat deze stuitende hebzucht de armsten en de meest kwetsbaren straft en ons enige gemeenschappelijke huis, de planeet, vernietigt", aldus Guterres.
