"Je kan de pijn vergelijken met een open wonde waarop je continu zoutwater of azijn smeert": aan het woord is Steven (*), een veertiger uit Brussel die begin juli besmet raakte met apenpokken. Met zijn relaas hoopt hij meer bewustwording rond het virus te creëren. "Het circuleert momenteel inderdaad onder mannen die seks hebben met mannen, maar iedereen kan het oplopen."
"Dramatisch pijnlijk, ondraaglijk zelfs": Steven getuigt over zijn besmetting met apenpokken
“Wat een broodjeaapverhaal”, “alleen apenkoppen krijgen apenpokken” en "eigen schuld dikke bult": de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) mag de wereldwijde uitbraak van apenpokken dan wel hebben uitgeroepen tot een medische noodsituatie, op sociale media lijkt die beslissing niet veel indruk te maken. Wordt het virus er niet weggewuifd als “angstgenererende onzin”, dan is de homogemeenschap kop van Jut omdat het virus zich momenteel voornamelijk verspreidt via seksueel contact onder mannen.
In ons land zijn volgens gezondheidsinstituut Sciensano op dit moment 393 mensen besmet, allemaal mannen tussen 20 en 71 jaar. Ook Steven (*), een veertiger uit Brussel, liep begin juli een infectie op. “Ik kan je vertellen: daar is niks grappig aan.” Voor het eerst doet hij zijn verhaal.
“Ondraaglijk"
“Op donderdag voelde ik me niet lekker: ik had een verhoogde temperatuur en een grieperig gevoel. Dat bleef het hele weekend zo. ’s Maandags waren enkele lymfeknopen in mijn lies flink opgezwollen. Een van mijn beste vrienden is medisch specialist, en dus stuurde ik een foto naar hem door. “Dat zit niet helemaal goed, ga maar naar je huisarts”, adviseerde hij. Nog voor ik daar was geraakt, kreeg ik jeuk en zag ik bultjes. Ik was toen al vrij zeker dat ik apenpokken had.”
Steven kwam naar eigen zeggen schoorvoetend bij zijn huisarts aan. “De man heeft twee jaar geprobeerd om het coronavirus buiten de deur te houden, en dan sta ik daar plots met deze besmettelijke ziekte. Maar als arts in Brussel-centrum is hij wel wat gewend. Hij heeft ernaar gekeken, en me zonder oordeel of preek naar spoed doorverwezen.” Daar werd Steven naar een isoleerruimte gestuurd. “Twee spoedartsen hebben vervolgens de diagnose gesteld. Of ik pijn had, vroegen ze. De bultjes kriebelden, maar pijn? Dat gelukkig niet.”
Ik heb in mijn leven best wat meegemaakt, maar ik heb nog nooit zoveel medicatie genomen om pijn te stillen
Steven
Zijn geluk was van korte duur. “Ik ben uiteindelijk nog twee keer naar spoed afgezakt voor pijnstillers. Op een gegeven moment was de pijn ronduit dramatisch. Ondraaglijk zelfs. Ik had een paar pokken op mijn lichaam, maar de meeste bevonden zich rond mijn anus. Tussen mijn billen, op mijn anus, zelfs binnenin op het slijmvlies. Naar het toilet gaan was verschrikkelijk, ik viel zowat flauw. Je kan het vergelijken met een open wonde waarop je continue zoutwater of azijn smeert. Ik heb in mijn leven best wat meegemaakt, maar ik heb nog nooit zoveel medicatie genomen om de pijn te stillen.”
Persoonlijk onderwerp
Hoe onuitstaanbaar die pijn ook was, bang is Steven nooit geweest. “Ik wist dat je over het algemeen volledig herstelt en dat de mortaliteit erg laag ligt. Wel vond ik het vervelend dat er weinig informatie over terug te vinden was, en ik bijgevolg niet kon inschatten wat mij nog te wachten stond.” Als geluk bij een ongeluk bleek ook Stevens buurman met het apenpokkenvirus besmet. “Hij ontwikkelde enkele dagen voor mij symptomen, en dus kon ik bij hem te rade gaan. Hij heeft nog meer afgezien dan ik.”
Zijn buur werd zo een welkome gesprekspartner. “Het is toch een persoonlijk onderwerp, zeker door de manier waarop ik het opgelopen heb. Daar heb ik moeite mee: ik heb een vaste partner en ben tegenover vroeger veel rustiger, maar na één ander seksueel contact had ik onmiddellijk prijs. Mensen weten natuurlijk dat ik het niet bij de bakker heb opgelopen. Met sommige vrienden heb ik het erover gehad. Gelukkig reageerde iedereen heel empathisch. Ik heb geen omgeving die veroordeelt.”
Eenzaam
Dat is niet voor iedereen het geval, beseft Steven. “Ik heb dit in de best mogelijke omstandigheden moeten ondergaan: verschillende mensen rondom mij werken in de gezondheidszorg, mijn partner was begripvol, we leven in een groot huis met twee slaapkamers en wc’s, ik kon alle medicatie en behandelingen betalen. En dan nog verging ik van de pijn. Iemand die geen toegang tot zulke voorzieningen heeft of dit in zijn eentje moet doorstaan, dat lijkt mij ontzettend eenzaam.”
Er moet maar één besmette persoon naar een parenclub trekken waar ook heteroseksuele koppels naartoe komen, en het virus gaat ook onder hen rond
Steven
Steven hoopt dat er in de samenleving meer begrip voor het apenpokkenvirus en voor patiënten komt. “Enerzijds moeten we een kat een kat durven noemen: apenpokken circuleren momenteel vooral in de homogemeenschap. De regering mag wat mij betreft best adequater optreden en meer bewustwording creëren, in plaats van passief pamfletjes in homosauna’s op te hangen. Dit mag geen epidemie onder een subgroep van de bevolking worden.”
“Anderzijds moeten mensen beseffen dat werkelijk iedereen het kan oplopen. Er moet maar één besmette persoon naar een parenclub trekken waar ook heteroseksuele koppels naartoe komen, en het virus gaat ook onder hen rond. Als vervolgens iemand naar een familiefeest gaat en daar mensen knuffelt, is het hek van de dam. Stigmatisering van homoseksuelen is compleet onterecht.”
Topje van de ijsberg
Dat benadrukt ook Sabine Allard, professor en diensthoofd interne geneeskunde van het UZ Brussel. Zij behandelde Steven. “Paniek is niet nodig: dit wordt geen tweede coronapandemie. Desalniettemin moeten we ons realiseren dat een apenpokkenbesmetting iedereen kan overkomen. Je partner kan ontrouw zijn, het virus kan door huidcontact overgaan van ouder op kind, dat kind kan vervolgens in de crèche met andere kinderen spelen. Apenpokken zijn niet gelinkt aan seksuele oriëntatie, de ziekte maakt geen onderscheid tussen geslacht, leeftijd of geaardheid."
Professor Allard begrijpt dan ook dat de Wereldgezondheidsorganisatie aan de alarmbel heeft getrokken. “Net zoals bij corona, zien we ook hier enkel het topje van de ijsberg. Niet iedereen die besmet is, consulteert een arts om zich te laten testen – zij het uit schaamte, zij het omdat ze geen symptomen vertonen.” Tot nu toe behandelde het UZ Brussel een vijftigtal patiënten. “Drie van hen werden opgenomen omdat ze de pijn niet onder controle kregen.”
Net zoals bij corona, zien we ook hier enkel het topje van de ijsberg
Sabine Allard, professor en diensthoofd interne geneeskunde van het UZ Brussel
Het diensthoofd beaamt dat, net als Steven, verschillende patiënten vooral rond de anus “afschuwelijk veel pijn lijden”. “De zwaarst getroffen regio is daar waar de infectie zich heeft voorgedaan, al zijn er ook huidletsels op andere plaatsen gezien het virus zich via het bloed naar andere plaatsen in het lichaam verspreidt. Gelukkig is niet iedereen er even erg aan toe: net als bij andere infectieziekten kunnen de symptomen sterk variëren.”
Ook professor Allard hoopt dat de opvattingen over apenpokken zullen veranderen. “Nu wordt het te luchtig beoordeeld. De coronapandemie heeft daar zeker iets mee te maken: mensen willen het niet meer horen en steken hun kop in het zand. Maar het virus is er wel degelijk, en het sluit niemand uit.”
(*) Steven is een schuilnaam. Zijn identiteitsgegevens zijn bekend bij de redactie.




