Naar hoofdinhoud
Een luchtbeeld uit Bornem, tijdens de droge zomer van 2018.

2 jaar na Blue Deal: hoe gewapend is Vlaanderen tegen watertekort? "Het zal nog 5, 10, misschien 20 jaar duren"

Precies twee jaar geleden heeft de Vlaamse regering de Blue Deal voorgesteld, een plan om het Vlaamse waterprobleem aan te pakken. Halfweg een zoveelste droge zomer, gaat VRT NWS na hoe we ervoor staan. Is het geld goed besteed? Waar is nog werk aan de winkel? De balans van de Blue Deal in acht vaststellingen.

Vincent Merckx Alexander Dumarey
Gepubliceerd:

Hoe het nog zou zijn met de Blue Deal van de Vlaamse regering? “Het loopt goed. Het zorgt voor een goede dynamiek, met veel projecten op het terrein.” 

Aan het woord is niet de Vlaamse regering zelf, maar Bond Beter Leefmilieu (BBL). Opmerkelijk, want doorgaans zweept de koepelorganisatie van milieuorganisaties de Vlaamse regering naar grotere ambities, of het nu over het mestbeleid gaat, biobrandstoffen of de PFOS-vervuiling. Maar over de Blue Deal is ze dus opvallend mild.

Ter herinnering: de Blue Deal, dat is het overkoepelende plan dat de Vlaamse regering exact twee jaar geleden lanceerde, en waarmee ze Vlaanderen een omslag wil doen maken naar een duurzamer waterbeleid. 

En dat is nodig, bleek deze maand nog maar eens. Oppompverboden worden stilaan zo Vlaams als tuinfeesten en muziekfestivals. Dat komt doordat de Vlaamse watervoorraad erg kwetsbaar is voor de periodes van droogte die door de klimaatverandering steeds vaker voorkomen.

Net daarom lanceerde de Vlaamse regering in juli 2020 dus de Blue Deal.

BEKIJK

Hoe zit het nu met die Blue Deal, twee jaar na de lancering? Is ze een succes? Klik op de knoppen om rechtstreeks naar de vaststelling te gaan.

Milieuvereniging Natuurpunt is gematigd positief over de Blue Deal. 

“Dit is de eerste legislatuur waarin er min of meer structureel gekeken wordt naar het droogteprobleem”, zegt Robin Verachtert van Natuurpunt. “Het is ook voor het eerst dat wordt erkend dat er nood is aan vernatting. We zijn 75 procent van onze wetlands (natte natuur zoals moerassen en vennen, red.) kwijtgespeeld. Dat is enorm.”

Anders dan BBL is Natuurpunt wél betrokken partij. Ze noemt zichzelf de “sterke schouders” van de Blue Deal, omdat ze veel projecten op het terrein mee helpt uitvoeren.

Een zeldzaam stukje natte natuur in Vlaanderen: de Bourgoyen-Ossemeersen aan de Leie in Gent, dooraderd door grachten en sloten. Daar krijgt het water alle tijd om door te sijpelen in de bodem, en zo de grondwaterspiegel aan te vullen.

Ook de hydrologen Patrick Willems (KU Leuven) en Ann Van Griensven (VUB) hebben lof veil voor de Blue Deal. Willems was een van de experten die na de droge zomer van 2019 in het Vlaams Parlement kwamen vertellen wat er volgens hen moest gebeuren. Hij maakt vandaag nog deel uit van de taskforce van ministers, gouverneurs en experten die waken over de uitvoering van de Blue Deal.

BEKIJK

En er werd geluisterd, door de vier Vlaamse ministers die erbij betrokken zijn: die van Omgeving (Zuhal Demir, N-VA), Landbouw (voormalig minister Hilde Crevits, nu Jo Brouns, beiden CD&V), Binnenlands Bestuur (Bart Somers, Open VLD) en Openbare Werken en Bevaarbare Waterlopen (Lydia Peeters, Open VLD).

De Blue Deal is op veel vlakken een verbetering, vindt ook Willems’ collega Van Griensven. “En goed, de Blue Deal is misschien kleinschalig, maar ze is wel innovatief, bottom-up en creativiteit wordt gestimuleerd.”

Er is maar liefst 343 miljoen euro uitgetrokken voor de Blue Deal, waarvan 80 procent uit het Europese herstelfonds komt dat de lidstaten er na de coronacrisis weer bovenop moest helpen. Afhankelijk van hoe je de rekening maakt, en welke projecten je meetelt (sommige plannen dateren bijvoorbeeld al van voor de Blue Deal), dikt de rekening zelfs aan tot een half miljard. Daarmee werd in het totaal een 147-tal projecten gefinancierd. 

Nog zo’n sterk punt aan de Blue Deal: dat geld gaat naar zeer concrete projecten waarvan er sommige al na twee jaar zichtbaar zijn op het terrein. Waterlopen worden opnieuw blootgelegd. Er wordt meer natte natuur gecreëerd - het doel ligt op 1.600 hectare extra. En steden en gemeenten leggen overstromingsgebieden en bekkens aan; dat moet uiteindelijk goed zijn voor 30 miljard liter extra opvangcapaciteit.

“Met een kleine 400 miljoen los je het Vlaamse droogteprobleem niet op”, klinkt het bij Willems.

De Blue Deal bestaat immers uit een heleboel pilootprojecten die bovendien ook meestal kleinschalig zijn. Projecten die een idee geven van wat Vlaanderen zou kunnen doen. Mooie projectjes, dat zeker, maar ze moeten op veel grotere schaal toegepast worden, vinden zowel BBL als Natuurpunt.

Om te zien hoe het wel moet, hoef je maar over de grens te kijken, zegt hydroloog Van Griensven. “Als je in Nederland rondloopt, zie je overal water. Dàt is een waterbuffer. Maar waar zie je in Vlaanderen water in het landschap?” 

Het ideaalbeeld: overal water in het landschap, zoals hier aan het Nederlandse Veluwemeer. Alleen is dat in het dichtbevolkte Vlaanderen niet overal even gemakkelijk te realiseren.

Hoeveel het dan écht zou kosten om de omslag te maken voor heel Vlaanderen? “Dat weet niemand”, zegt Willems. “Dat is zo’n immense problematiek, daar kan je geen zinvolle raming van maken.”

“De minister deelt die mening”, klinkt het bij het kabinet-Demir. “De tanker begint nog maar te keren, er moet verder op dit elan doorgegaan worden.” Minister Demir hoopt daarom nog deze regeerperiode een Blue Deal-decreet in te stellen dat ook volgende regeringen zou verplichten om werk te maken van een waterplan.

Want dat het een werk van lange adem wordt, is duidelijk. Willems pleit ervoor om nu al bij elk bouwproject in kaart te brengen welke investeringen er nodig zijn om watertekorten op te vangen. Zo krijgen ontwikkelaars een duwtje in de rug. 

Want, zo klinkt het bij de hydrologen én natuurverenigingen, die sturing is nodig. Meer zelfs: er moet volgens hen meer verplicht worden.

“We blijven steken bij pilootprojecten die vrijwillig uitgevoerd worden”, klinkt het bij Natuurpunt. “Het ziet ernaar uit dat we naar het vijfde extreem droge jaar in zes jaar gaan, er is dus een snellere kentering nodig. Dan kan dat niet anders dan via strengere wetgeving en financiële prikkels.”

Lees: verplichte normen en boetes. Maar dat ligt moeilijk. 

Iemand die voor zijn plezier alpaca’s houdt, kan een project met groot maatschappelijk belang voor lange tijd tegenhouden. Nergens anders in Europa kan dat

Robin Verachtert (Natuurpunt)

Eén voorbeeld is de zogenoemde waterscan. Dat is een doorlichting waarmee een bedrijf of particulier kan nagaan hoeveel water hij/zij verbruikt en hoe het waterverbruik verduurzaamd kan worden. “We voeren een verplichting in voor waterscans voor grootverbruikers of voor bedrijven met grote verharde oppervlakte tegen 2022”, klonk het nog stellig toen minister Demir de Blue Deal aankondigde. Bovendien zouden die bedrijven of particulieren ook verplicht worden om die maatregelen ook daadwerkelijk uit te voeren.

Maar zeven maanden ver in 2022 is er nog geen sprake van zo’n verplichting. Of die er nog komt? Daar blijft het raden naar. De bevoegdheid van minister Brouns, klinkt het bij het kabinet van minister Demir. De bevoegdheid van minister Demir, klinkt het bij Brouns. Wat er wel is? Een terugbetaling van waterscans die door KMO’s aangevraagd worden. Vrijwillig.

Al is het niet zo dat er niets gebeurt. Zo is de Vlaamse regering er wel in geslaagd om nog voor het zomerreces een nieuwe hemelwaterverordening goed te keuren. Die trekt de normen op voor de regenwaterputten die bij bouwprojecten verplicht zijn, zowel van particulieren als van de overheid. Ook rapporteren de drinkwaterbedrijven al 7 miljard liter minder waterverlies door lekken dan in 2020, het startjaar van de Blue Deal.

Toch zou wat meer sense of urgency geen kwaad kunnen.

Neem nu de infiltratiebonus. Die zou burgers kunnen belonen die regenwater op hun eigen stuk grond houden en laten infiltreren, bijvoorbeeld met een waterput die in de eigen tuin overloopt. Het voorbereidende wetenschappelijke onderzoek is gebeurd, maar nu is het wachten op de politiek om het ook uit te voeren.

Of nog: de wadi’s die je nu al her en der ziet opduiken in steden en gemeenten. Dat zijn lager gelegen overstromingsplekken in groenzones die vaak droog staan, maar waar regenwater kan opgevangen worden zodat het de tijd krijgt om te infiltreren in de bodem. Zo kunnen ze rioleringen ontlasten en het grondwater aanvullen.

Die wadi’s zijn een van de meest zichtbare voorbeelden van wat er nu al gebeurt op het terrein in het kader van de Blue Deal. Grote steden als Antwerpen, Gent en Leuven hebben er al op tientallen plaatsen geïnstalleerd. “Met de Blue Deal-middelen kan dat nog sterk opgeschaald worden naar honderden plaatsen”, schat Willems. “Maar we hebben geen honderden wadi’s nodig, maar duizenden, honderdduizenden zelfs. En opnieuw: dat zal niet lukken als je op vrijwilligheid gaat rekenen.”

Ook zonder de medewerking van de provincies, de steden en de gemeenten, wordt het moeilijk om op te schalen.

Dat beseft de Vlaamse regering ook. “Openbare besturen geven het goede voorbeeld en zorgen voor gepaste regelgeving”, klonk het twee jaar geleden in Demirs aankondiging nogal hoopvol. De centrumsteden met hun wadi’s tonen dat dat ook vaak lukt.

Maar in de praktijk valt dat ook al eens tegen. Zo is Demir verwikkeld in een juridisch steekspel met de Oost-Vlaamse gouverneur Carina Van Cauter (Open VLD) over de drooglegging van de polder in de Schelde-Durmevallei in Berlare. Daar gaat volgens berekeningen van de lokale actievoerder Francis Van den Abbeele jaarlijks 35 miljoen kubieke meter water verloren, zonder dat daar de nodige milieuvergunningen voor zijn. Hoewel Demir de gouverneur al jarenlang zover probeert te krijgen om die vergunningen ook af te dwingen, blijft Van Cauter dat tot nu toe weigeren.

Natuurpunt bijt dan weer zijn tanden stuk op de Vallei van de Zwarte Beek in Limburg. Daar is een groot potentieel voor vernatting, maar vergunningsslagen zorgen ervoor dat het project vertraging blijft oplopen.

Een kraanvogel met kuiken in de Vallei van de Zwarte Beek, vorig jaar. Het natuurherstel zou er veel sneller kunnen gaan, maar een vergunningenslag zorgt voor vertraging, zegt Natuurpunt.

Het toont allemaal aan hoe op de lokale niveaus vaak nog oude wetten en gebruiken heersen. Die gaan nog altijd vaak uit van het principe dat water best zo snel mogelijk naar zee vloeit.

Daarom is het dringend tijd dat die wetten herzien worden, vindt Natuurpunt. Met een boutade: “Iemand die voor zijn plezier alpaca’s houdt, kan in Vlaanderen vanuit individueel belang een project met een groot maatschappelijk belang voor lange tijd tegenhouden. Nergens anders in Europa kan dat.”

Maar niet alle problemen kunnen in de schoenen van de lokale besturen geschoven worden. Een van dé speerpunten van de Blue Deal is bijvoorbeeld ontharding: asfalt en stenen weghalen zodat water weer kan insijpelen in de bodem. 

Een overstroming in Landen, deze maand. De verharding in Vlaanderen blijft toenemen, waardoor water minder de kans krijgt om in te sijpelen in de bodem.

Zelf schermt Vlaanderen graag met cijfers die aantonen dat er de voorbije drie jaar bijna 2.000 hectare open ruimte is bijgekomen. Maar de Vlaamse situatie is wat ze is: de verharding blijft met rasse schreden toenemen, met een drietal hectare per dag. Volgens de Vlaamse bouwshift, de voormalige betonstop, zou er pas tegen 2040 geen verharde oppervlakte meer mogen bijkomen.

De Blue Deal is dus op zich een goede zaak, daar zijn hydrologen en natuurverenigingen het over eens, maar het is tijd dat er een tandje bijgestoken wordt. Hoe dat kan?

Door een groot maatschappelijk debat op gang te brengen met alle betrokken partijen in iets wat Willems “gebiedscoalities” noemt. Hij steekt daarvoor nadrukkelijk een hand uit naar de industrie en de landbouw.

“Het is perfect mogelijk om de industrie binnen de twintig jaar af te koppelen van het leidingwaternet. En ook de landbouw- en natuursector kunnen ook zelfbedruipend worden, in dit geval door de sponsfunctie van ons landschap te herstellen. Dat zal natuurlijk veel inspanningen vragen, maar het is in ieders belang. Het is erg belangrijk om dat in overleg met de betrokkenen te doen.”

“Samen kunnen we dan per gebied bekijken wat de problemen zijn. Dan kunnen we samen heel concrete doelen vastleggen en oplossingen uitwerken die voldoende grootschalig zijn en effectief op de lange termijn.”

“Dan is het aan de overheid om er geld voor vrij te maken, een actieprogramma op te maken en dat ook uit te voeren. Maar het zal niet gemakkelijk zijn. Het zal veel overleg vragen. Het zal vijf, tien, misschien zelfs twintig jaar duren. Maar het kàn. Pas dan zijn we binnen twintig jaar gewapend tegen de droogte.”

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"