Niet alleen in het bos, maar ook in je eigen tuin moet je opletten voor tekenbeten, zelfs in kort gemaaid gras. Dat laatste is de belangrijkste conclusie na een tekentelling in tuinen, uitgevoerd door de Nederlandse Universiteit van Wageningen. Ook na een middagje in de tuin controleer je dus best je lichaam op teken. Hoe doe je dat? En hoe verwijder je ze op een correcte manier?
Meer kans op tekenbeten in de tuin dan gedacht: enkele tips om ze op te sporen en ze te verwijderen
Onderzoekers van de universiteit van Wageningen hebben de laatste weken met behulp van vrijwilligers proberen in kaart brengen waar teken in de tuin graag vertoeven. Dertig tekentelteams hebben de afgelopen weken verspreid over Nederland teken gevangen in hun tuin. Voor de telling werden bewust tuinen uitgekozen waarvan de eigenaren al hadden aangegeven dat ze er al eens een tekenbeet hadden opgelopen.
De opvallende conclusie van het onderzoek: heel wat teken zaten op kort gemaaid gras, nochtans gingen wetenschappers er tot nog toe vanuit dat daar weinig tot geen teken te vinden zouden zijn. “In 70 procent van de geselecteerde tuinen werden teken aangetroffen en in een vierde van de gevallen werden de teken op kort gras gevonden", vertelt onderzoeker Arnold Van Vliet, bioloog aan Wageningen University, aan Nature Today .
Niet alleen na een bezoek aan het bos, maar dus ook na een middagje in de tuin is het dus aangeraden om te controleren op tekenbeten. Want hoewel de tekendichtheid in bossen veel hoger ligt dan in tuinen, is de tuin ook in België de belangrijkste bron van tekenbeten. Logisch, de meeste mensen spenderen nu eenmaal meer tijd in de tuin dan in het bos.
Ziekte van Lyme
Teken kunnen besmet zijn met ziektekiemen, die via een beet overgedragen kunnen worden op de mens. Een van de ziektes die teken kunnen overdragen, is de ziekte van Lyme of borreliose.
Wanneer je gebeten wordt door een teek is er niet onmiddellijk reden tot paniek. Niet iedereen die gebeten wordt krijgt immers de ziekte. Dat kan alleen als de teek zelf besmet is met de bacterie Borrelia burgdorferi (volgens gezondheidsinstituut Sciensano is ongeveer 10 procent van de teken in België geïnfecteerd) en wanneer de teek te lang (langer dan 24 uur) blijft zitten of niet goed verwijderd wordt.
Een tekenbeet vermijden is moeilijk, zeker als je wil blijven genieten van de natuur. Daarom beveelt Sciensano aan om dagelijks te controleren op tekenbeten.
Indien je gebeten bent is het belangrijk om de teek snel en correct te verwijderen. Heel wat mensen denken dat je aan de kop van een teek moet trekken en hem er al draaiend uit moet halen, maar eigenlijk moet je het beestje zo min mogelijk irriteren en hem er in een vloeiende beweging uittrekken.
Teken kunnen drager zijn van een grote verscheidenheid van bacteriën, virussen of parasieten. Naast de bacterie Borrelia burgdorferi, die de ziekte van Lyme veroorzaakt draagt een teek soms nog andere ziektekiemen. Word je ziek na een tekenbeet? Informeer dan altijd je huisarts, zodat hij alert kan zijn op verschillende tekenbetenziektes.
Wanneer je na een tekenbeet besmet zou zijn met de ziekte van Lyme, verschijnt er meestal een rode ringvormige plek rond de plaats waar de teek je beet. Die plek verschijnt niet meteen, maar na enkele dagen tot enkele weken en wordt geleidelijk aan groter. Bij mensen met een donkere huidskleur is die plek blauw.
Ook zonder behandeling verdwijnt de vlek spontaan, maar dan is de ziekte niet verdwenen. Daarom raadt Sciensano aan om goed te letten op deze ring na een tekenbeet. Sommige mensen (1 op de 10 mensen die de ziekte van Lyme krijgen) krijgen die ring niet.
Meer informatie over preventiemaatregelen en ziektes veroorzaakt door een tekenbeet kan u vinden op de website www.tekenbeten.be van het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid.
Ben je zelf gebeten door een teek, dan kan je dit melden via Tekennet , een burger - wetenschapsplatform dat wordt beheerd door Sciensano.

