De Vlaamse regering geeft dan toch een half miljard euro aan projectontwikkelaars om sociale woningen te bouwen. Op die markt is er een groot tekort. En sociale huisvestingsmaatschappijen kunnen er zelf niet genoeg bijbouwen. Daarom vraagt de regering aan de privésector om er ook te bouwen. Het voorstel botste eerder op kritiek, maar heeft nu een compromis bereikt.
Begin dit jaar stelde Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele (N-VA) voor om geld voor sociale woningen door te schuiven naar de privésector. Want van de 1,1 miljard euro aan goedkope leningen die de regering beschikbaar had gemaakt voor de bouw van sociale woningen, was maar zo'n 660 miljoen effectief gebruikt. Het overige geld kon de privésector gebruiken om woningen te bouwen om aan een lagere huurprijs op de markt aan te bieden. Dat voorstel botste op felle kritiek. 170.000 gezinnen wachten op een sociale woning. Er moeten dus sociale woningen bijkomen, klonk het.
Binnen de Vlaamse regering is daarom een compromis uitgewerkt. Projectontwikkelaars kunnen een gemengd project indienen met daarin zowel sociale woningen als betaalbare huurwoningen (die aan lagere huurprijzen op de markt aangeboden worden). Daarvoor kunnen ze dan steun krijgen.
Die gemengde projecten moeten aan enkele voorwaarden voldoen om een goedkopere lening te krijgen:
een derde van het bouwproject moet sociale huurwoningen zijn; daarvoor krijgen ze een rentesubsidie tot -1%
nog een derde moet betaalbare huurwoningen zijn; daarvoor krijgen ze een rentesubsidie van 0%, renteloos dus
een derde mogen ze zelf invullen; als dat gewone woningen zijn, krijgen ze financieel niets in ruil.
Ook voor wie in aanmerking komt voor die verschillende types huurwoningen, zullen uiteraard voorwaarden gelden. De sociale woningen zullen verhuurd worden via sociale verhuurkantoren. De betaalbare woningen moeten op de huurmarkt aangeboden worden aan een fors lager tarief dan de doorsnee huurprijzen. Afhankelijk van een aantal factoren zou dat neerkomen op een korting van 100 à 200 euro per maand op de huurprijs.
Met die betaalbare woningen wil de Vlaamse regering een aanbod creëren voor mensen die niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning, maar die het moeilijk hebben om op de huurmarkt iets te vinden dat ze kunnen betalen. Net zoals bij sociale woningen zullen ze kijken naar een inkomensgrens: zo mag een alleenstaande maximaal 46.170 euro per jaar verdienen. Voor een alleenstaande met 1 persoon ten laste of een koppel zonder persoon ten laste gaat het om maximaal 65.960 euro. Met die bedragen zouden die huurwoningen ook toegankelijk moeten zijn voor bijvoorbeeld jonge starters of jonge gezinnen met kinderen.
Eerder nog kritiek op voorstel
Dat er geld voor sociale woningen doorgeschoven zou worden naar privéprojecten, botste begin dit jaar nog op veel kritiek. Minister Diependaele is tevreden dat een compromis uit de bus gekomen is: "Ik denk dat het een goede oplossing is, waarbij we enerzijds het aanbod aan sociale huurwoningen versterken door de privésector te betrekken. Anderzijds is het goed dat er een aanbod komt voor de onderste kant van de private huurmarkt. Aan die twee punten hebben we het meeste nood vandaag."
Toch zullen die nieuwe huurwoningen er niet van vandaag op morgen zijn, beseft ook minister Diependaele: "De doorlooptijd voor dit soort projecten is al snel 4 tot 7 jaar, dus het zal zijn tijd nog duren voor dit nieuwe financieringssysteem omgezet zal worden in nieuwe woningen".

