De Chinese wolhandkrabben die zich massaal in onze rivieren hebben verspreid, hebben zich gemengd met de Japanse wolhandkrabben. Die kruising vergroot het risico op overstromingen én ook problemen door droogte. Dat blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Antwerpen.
Chinese wolhandkrabben vermengen zich met Japanse soort en vergroten risico op overstromingen én droogte
De Chinese wolhandkrab is een invasieve soort die zo’n 100 jaar geleden met ballastwater van Chinese schepen naar Vlaamse rivieren is gekomen. Onderzoekers aan de Universiteit Antwerpen hebben nu het DNA van de Chinese wolhandkrab in onze Vlaamse rivieren onderzocht. Daaruit blijkt dat de diertjes minder Chinees zijn dan gedacht.
Chinese wolhandkrab niet zo chinees als gedacht
Japans
“In onze Vlaamse rivieren zit een hybride versie. Het is een mix tussen de Chinese wolhandkrab en een Japans exemplaar dat hier op dezelfde manier in onze rivieren is terechtgekomen”, vertelt professor Jonas Schoelynck. De twee soorten hebben nu hun DNA vermengd tot een nieuw exemplaar. “De Japanse wolhandkrab is agressiever dan de Chinese. Agressiever ten opzichte van andere soorten, maar ook ten opzichte van de natuur. Hopelijk heeft die nieuwe soort deze eigenschap niet meegekregen.”
Waterplanten verdwijnen
Dat het DNA zich vermengd heeft, is geen goed nieuws. “Door DNA te vermengen worden de dieren weerbaarder.” Hierdoor wordt het dus moeilijker om ze te laten verdwijnen. Bovendien richten de wolhandkrabben heel wat schade aan. Uit onderzoek blijkt dat ze verantwoordelijk zijn voor het verdwijnen van de waterplanten in de Grote Nete.
Hierdoor verdwijnt er habitat en voedsel voor andere diersoorten. "Daarnaast zorgt het verdwijnen van die planten ook voor een versnelde afvoer van het water naar zee. Zo kan het water minder goed in de bodem sijpelen, wat kan leiden tot droogte. Doordat het water ook sneller stroomt, is het risico op overstroming dan weer groter", aldus Schoelynck.
Regionaal nieuws uit Antwerpen



