Er mag vanaf volgende week weer palmolie worden uitgevoerd uit Indonesië. Dat heeft president Joko Widodo bekendgemaakt. De beslissing moet de prijzen doen dalen en het aanbod verhogen.
Indonesië hervat export palmolie om torenhoge prijzen tegen te gaan
Eind vorige maand had het land een exportverbod ingevoerd voor alle oliën waarmee gekookt wordt. De overheid wilde zo verhinderen dat er tekorten zouden ontstaan op de thuismarkt, wat tot sociale onrust zou kunnen leiden. Die beslissing had grote gevolgen voor de voedselprijzen, want Indonesië is 's werelds grootste producent van plantaardige olie, met een marktaandeel van 35 procent.
Een maand na het ingaan van het verbod, kan de export van palmolie hervat worden. Dat zegt de Indonesische president Joko Widodo. "Op basis van het huidige aanbod en de prijs van palmolie heb ik besloten dat de export van palmolie vanaf maandag 23 mei weer kan", zei hij op een persconferentie.
De regering was van plan om het verbod op te heffen als de prijs van palmolie maximaal 14.000 Indonesische roepia (0,91 euro) per liter bedroeg. Dat doel is nog steeds niet bereikt, maar verwacht wordt dat de prijs de komende weken zal dalen naargelang er meer palmolie op de markt komt.
Het verbod had grote gevolgen voor de Indonesische markt. De president zei dat de nationale vraag naar onverpakte palmolie ongeveer 194.000 ton per maand bedraagt. Voor het exportverbod bedroeg het aanbod 64.500 ton, sindsdien verdrievoudigde het aanbod tot meer dan 210.000 ton per maand. Ook de prijs steeg sinds het verbod met meer dan 200 procent.
Dat er nu toch weer export mogelijk wordt, kan rust brengen op de internationale markt, die verstoord werd door de oorlog in Oekraïne. Zowel Oekraïne als Rusland zijn belangrijke leveranciers van zonnebloemolie. Daardoor steeg de vraag naar alternatieven als palmolie, koolzaadolie en raapolie. Indonesië en Maleisië zijn 's werelds grootste producenten van palmolie, goed voor 85 procent van de wereldwijde productie.

