Met een specifiek aanbod voor zedendelinquenten in de gevangenis wil Vlaams minister van Justitie en Handhaving Zuhal Demir (N-VA) het risico op herval beperken. Ze wil de begeleiding van zedendelinquenten verbeteren met een aparte afdeling in de gevangenis, een uniforme risicoanalyse en verplichte dadertherapie. "Door hen reeds in de gevangenis nauwgezet op te volgen, voorkomen we herval maximaal. Daar heeft heel de samenleving baat bij", zegt Demir.
Aparte afdeling en verplichte therapie: zo wil minister Demir risico op herval bij zedendelinquenten beperken
De Vrije Universiteit Brussel en het Universitair Forensisch Centrum voerden een onderzoek uit naar de begeleiding en behandeling van zedendelinquenten. Dat deden ze in opdracht van Vlaams minister van Justitie en Handhaving Zuhal Demir (N-VA). Daaruit volgden uiteindelijk een tiental aanbevelingen die de minister in de praktijk wil omzetten om de aanpak van zedendelinquenten aan te scherpen. Op 1 april vorig jaar zaten er 539 zedenplegers opgesloten in de Vlaamse en Brusselse gevangenissen.
Als we zedendelinquenten tijdens hun verblijf aan hun lot overlaten, vormen ze na hun detentie een even groot of zelfs groter gevaar voor de samenleving dan daarvoor
"Als we zedendelinquenten tijdens hun verblijf aan hun lot overlaten, vormen ze na hun detentie een even groot – of zelfs groter – gevaar voor de samenleving dan daarvoor. Door hen al in de gevangenis nauwgezet op te volgen, voorkomen we herval maximaal. Daar heeft heel de samenleving baat bij", zegt Demir.
Aparte afdeling voor zedendelinquenten
De meest opvallende aanbeveling is volgens Demir de oprichting van een aparte sectie voor zedendelinquenten in de gevangenissen. Recent onderzoek uit het Verenigd Koninkrijk toont namelijk aan dat een verblijf in een gevangenis exclusief voor zedenplegers meer therapeutische mogelijkheden biedt waardoor de therapie ook meer effect zou hebben.
Uniforme risicoanalyse en verplichte dadertherapie
Daarnaast pleit minister Demir voor een uniforme risicoanalyse van elke zedendelinquent in heel België en dat "zo vroeg mogelijk na de feiten". Dat is nodig om het risico op herval beter te kunnen inschatten. Zo'n analyse moet ook regelmatig herhaald worden tijdens de detentie en de latere opvolging. Op basis daarvan wil Demir een verplichte behandeling opleggen.
Een behandeling is momenteel slechts vrijwillig en Demir roept haar federale collega's dan ook op om de wetgeving aan te passen en de behandeling te verplichten voor daders van zedenfeiten met een hoog en matig risico op herval. Bij zedendelinquenten met een laag risico op herval kan een verplichte behandeling nadelig werken volgens het onderzoek.
Onderzoek toont aan dat zedenplegers na een behandeling 37 procent minder kans maken om te hervallen
"Onderzoek toont aan dat zedenplegers na een behandeling 37 procent minder kans maken om te hervallen", legt minister Demir uit. "Met die beschikbare kennis op zak is het voor mij een absolute no-brainer om dadertherapie tijdens de detentie te verplichten", benadrukt ze.
Toch is Nils Verbeeck, forensisch psychiater en expert die met zedendelinquenten werkt, geen voorstander van een verplichte behandeling. Zo vertelt hij aan De Morgen: "Hoe ga je dit verplichten binnen een gevangenisomgeving? Brainwashing? Uit mijn ervaring weet ik dat het verplichten van dergelijke therapie contraproductief werkt. In een groep bijvoorbeeld, waarin de meerderheid gemotiveerd is, kan een weerspannige cliënt het hele behandelprogramma blokkeren."
Ook de onderzoekers zelf benadrukken dat ze niet adviseren om een behandeling te verplichten. Minne De Boeck benadrukt dat ze enkel adviezen formuleerden over hoe de drempels voor een behandeling in de gevangenis zo laag mogelijk gemaakt kunnen worden.
Investeren in begeleiding tijdens en na de detentie
Ten slotte moet er fors geïnvesteerd worden in de behandeling tijdens en na de detentie. Onderzoek toont aan dat zedendelinquenten vaak jaren moeten wachten vooraleer er een (vrijwillig) hulpverleningstraject opgestart kan worden. De experten benadrukken dat er voldoende hulpverleningsexpertise aanwezig is, maar dat die nu niet toegankelijk genoeg is voor gedetineerden.
"Als we de hulpverlening verplicht gaan maken, moeten we er uiteraard ook voor zorgen dat er voldoende aanbod is", verklaart Demir. Ze laat weten dat ze daarover in overleg zal gaan met Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) en federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit).
In een eerdere versie van dit artikel stond niet expliciet dat er vanuit het onderzoeksteam niet geadviseerd werd om een behandeling te verplichten. Het gaat hier niet alleen over een therapeutische discussie, maar ook over een juridische en ethische kwestie. We hebben dit in een aanpassing meer verduidelijkt.



