Eind maart zijn er aan onze kust een recordaantal bruinvissen geteld. 236 om precies te zijn. Het cijfer komt van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. Twee keer per jaar vliegen zij systematisch onze kust af om het aantal zeezoogdieren te tellen. Op basis van het aantal bruinvissen dat geteld is, wordt nu berekend hoeveel er in totaal zouden zijn. Dat getal zal in de duizenden lopen en is hoger dan ooit.
De rijkdom van de zeezoogdieren in de Noordzee is niet zo groot en verscheiden. “Dat zijn vooral bruinvissen, maar ook zeehonden en heel uitzonderlijk eens een verdwaalde tuimelaar of witsnuitdolfijn”, zegt Kelle Moreau van het Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen.
Tijdens die vlucht over onze Belgische kust hebben de wetenschappers 236 bruinvissen geteld, een record. “De analyses moeten nog gebeuren, maar gebaseerd op die tellingen moeten we zeggen dat het een van de hoogste waarden is die we ooit gemeten hebben”, zegt Moreau. “Dat is wel een mooi signaal. De bruinvissen zijn 15 jaar geleden stilaan talrijker geworden bij ons, maar wanneer we het op Belgische schaal bekijken, betekent het ook dat er voldoende voedsel zit voor die dieren om hier ook te blijven.”
Twee hotspots
De wetenschappers zagen twee hotspots van bruinvissen. “Voor deze periode van het jaar was het opvallend dat er zoveel dicht bij de kust zaten, aan de windmolenparken. Daar zit dus ook veel voedsel voor hen. Ook tegen de Franse grens was er een hotspot, maar daar hebben we nu nog geen verklaring voor.”
De wetenschappers telden ook 20 zeehonden. Dat betekent, omgerekend, dat er maximaal enkele honderden leven aan onze kust. "Dat is niet veel, maar dat is perfect normaal", besluit Moreau.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen


