Rusland wordt sinds 24 februari door de wereld kapot gestraft na de invasie van Oekraïne. Overheden herbekijken in sneltempo hun energiebeleid, en de globalisering wordt sinds de coronacrisis fel tegen het licht gehouden. De wereld verandert razendsnel. Rusland mag nu ook geen olie meer uitvoeren naar de VS. Wat is er aan de hand? Hoe verandert oorlog de wereld?
Olie en oorlog veranderen Amerika en de wereld: Rusland dreigt enige troef te verliezen, de VS kan veel winnen
In de VS is de publieke opinie gewonnen voor zeer harde sancties tegen Rusland, ook al voelt men zelf ook de pijn van de opgelegde strafmaatregelen in de portemonnee. De benzineprijs heeft een recordprijs aller tijden bereikt: gemiddeld 4,17 dollar per gallon. In Belgische termen: 1,01 euro per liter. In Amerika is dat veel. Maar in Europa is de pijn veel groter. De VS kan zich een boycot van Russische olie of gas makkelijk permitteren, Europa eigenlijk niet.
Toch bestaat het risico dat de inflatie verder oploopt, en dat is politieke zelfmoord voor de Amerikaanse president Joe Biden en de Democraten. De vertrouwde politieke schroom lijkt te verdwijnen. Het ondenkbare wordt gewoon gedaan, al of niet roekeloos. Is ethiek of moraliteit dan toch belangrijker dan de eigen portemonnee? Is het cynisme op zijn retour? Door de heldhaftigheid van de Oekraïense president Volodimir Zelenski en de Oekraïners lijkt de wereld de moed te vinden om anders te handelen dan verwacht.
De wet van Jones
De Jones-wet uit 1920 maakt het in de VS verplicht om olie of gas dat over water wordt getransporteerd, alleen met Amerikaanse tankers te vervoeren: onder Amerikaanse vlag, met Amerikaanse bemanning, een Amerikaans gemaakt reuzenschip. De Jones Act vond "America First" (toen) beter voor de belangen van de nationale veiligheid.
Maar Amerikaans gemaakte of gerunde olietankers zijn naar schatting wel zo’n 500 miljoen dollar (bijna 456 miljoen euro) duurder dan die van buitenlandse makelij. En zo komt het dat raffinaderijen in Texas tot nu toe vaak veel goedkoper af waren door ruwe olie uit Rusland in te voeren dan door de olie te laten vervoeren vanuit Californië.
Intussen zeggen de voormalige Amerikaanse president Donald Trump en zijn aanhangers dat Biden meer olie en gas moet boren en dat Europa weer profiteert van Amerika. Er wordt maar weinig naar geluisterd nu, ook niet door Republikeinen. Het spoort ook niet met de feiten. Er is nooit meer olie en gas bovengehaald in de VS dan nu. Volgend jaar bereikt men zelfs een absoluut productierecord. Welaan dan: de regering-Biden heeft de afgelopen 12 maanden ook zo’n 9.000 vergunningen toegekend voor olie- of gasboringen op federale gronden. En toch boren de oliebedrijven niét. Hoezo?
Hoe meer olie je boort, hoe hoger het aanbod, en dus hoe meer de prijs wordt gedrukt. Dat is wellicht ook de hoofdreden dat oliegiganten als ExxonMobil, Shell of BP vrij vlot uit Rusland zijn vertrokken als vergelding voor de invasie van Oekraïne. De lucratieve langetermijninvestering valt dan wel weg, en er komt minder olie op de markt, maar het verlies van de investering wordt heel ruim gecompenseerd door de hogere wereldmarktprijs.
Oliemaatschappijen huilen onderweg naar de bank
Björn Soenens, VS-correspondent
Daarom probeert de Amerikaanse president Biden ook de sancties tegen Iran en Venezuela te laten versoepelen. Op die manier kunnen er grotere olievoorraden op de wereldmarkt komen, wat nuttig is om de prijs naar beneden te krijgen.
Amerika kan veel winnen in dit conflict, zeker als het in de nabije toekomst veel meer LNG-gas kan leveren aan Europese klanten, als die minder gas willen of kunnen krijgen uit Rusland. Ook de defensie-industrie juicht, als iedereen zich weer tot de tanden toe gaat bewapenen. Rusland heeft de NAVO niet verzwakt, wel integendeel. Of de wereld daar veiliger van wordt, is een heel andere vraag. Begrotingen zullen steeds meer geld apart zetten voor landsverdediging, wat jammerlijke gevolgen kan hebben voor de ambitieuze plannen om de samenleving fatsoenlijker te maken.
Globalisering in opspraak
De wereld leert veel dingen in sneltempo. Door de wereldwijde coronacrisis kwam de globalisering in opspraak. Wat maken we nog zelf? Hoe afhankelijk zijn we geworden van maakproducten en onderdelen uit het buitenland? Hoe slecht hebben we mensen behandeld waarvan we vonden dat ze niet al te veel moesten worden betaald?
De "essential workers" heten ze, sinds corona: de verplegers, het winkelpersoneel, de obers, de chauffeurs, de verpakkers. Sinds de crisis zijn we anders over hen gaan denken, sinds we met z'n allen thuis moesten blijven door de pandemie. Toen pas zagen we het licht. Toegegeven, velen hebben het licht nog altijd niét gezien.
We klagen over de toenemende macht van China, terwijl we zelf alles in China laten maken en alle bedrijfsgeheimen met ze deelden door samenwerkingen met Chinese bedrijven. En nu zien we het licht: "Wat zijn we toch afhankelijk geworden van het Verre Oosten." We consumeren te veel, en om dat vol te houden hebben we goedkope spullen uit China nodig.
We gaven en geven eigenhandig steeds meer macht aan China, een dictatoriaal land met weinig maatschappelijke rechtvaardigheid. Maar het goedkope T-shirt van 5 dollar of 6 euro is kennelijk belangrijker dan de zorgen over het lot van onze eigen kleine ondernemers, de kwaliteit of duurzaamheid van onze spullen, of het lot van democratie in die landen. Fabrieken vertrokken naar lagelonenlanden, en plots konden we niet eens meer eigen mondmaskers maken toen we ze hard nodig hadden.
Al onze afhankelijkheid en kwetsbaarheid liggen bloot. Onze consumptiedrift maakte van China een oppermachtige speler
Björn Soenens, VS-correspondent
Wellicht leidt ook de Ruslandcrisis intussen (onverwacht) tot een heftig versnelde energie-omslag richting groene, hernieuwbare energie, zowel in de VS als in Europa. Want als er nu al één les is geleerd uit de oorlog in Oekraïne, dan is het onze verwoestende verslaving aan buitenlandse olie of gas, en de extreme afhankelijkheid ervan.
Rusland lijkt in dit conflict compleet fout gegokt te hebben. Het had gerekend op de stevige wurggreep van zijn olie of gas. Het verliest nu stilaan zijn enige echte troef. Het is zweten voor de Russische president Vladimir Poetin en zijn entourage.
Het land verliest in ijltempo zijn machtigste geopolitieke hefboom: olie en gas. En als de economie sputtert en begint te ijlen, kan je ook geen sterk leger behouden. Zelfs als het Oekraïne klein zou krijgen, zal Rusland economisch de grote verliezer zijn, en wellicht ook blijven. De Russen kunnen voortaan zelfs geen Big Mac meer eten in Moskou of elders.


