Naar hoofdinhoud

Nee, het stormt helemaal niet vaker dan vroeger: "Maar 4 stormen in een paar dagen tijd is wel opmerkelijk"

Storm Dudley verteerden we woensdagnacht nog moeiteloos, maar Eunice (vrijdag) en Franklin (voorbije nacht) volgden snel en die bleken toch van een ander kaliber. En ook vandaag stormt het weer. Vier stormen in nauwelijks een paar dagen tijd: hoe uitzonderlijk is dat? En lijkt het nu niet meer te stormen dan vroeger? 7 vragen aan enkele weerexperten.

Stefan Grommen
Gepubliceerd:

1. Vanaf wanneer spreken we eigenlijk van een storm?

Officieel mag je hier in België over een storm spreken als in minstens één Belgisch weerstation een windkracht van 9 Beaufort is gemeten. Dat betekent dat de wind gemiddeld over 10 minuten een snelheid bereikt van minstens 75 km/u. Enkele hevige rukwinden tijdens een onweer vormen dus niet per se een storm.

2. Hoe ontstaan zulke stormen?

Daarvoor moeten we naar de fameuze "straalstroom" kijken, een sterke wind van 300 km/u die constant op 9 tot 12 km boven onze aardoppervlak van west naar oost waait. "Die straalstroom ontstaat door het temperatuursverschil tussen de evenaar en de noordpool", legt professor meteorologie Steven Caluwaerts van de Universiteit Gent uit in een video van "De universiteit van Vlaanderen". "Als dat temperatuursverschil hoger is, is de straalstroom sterker."

"Als een sterke straalstroom op hoogte in de buurt van een lagedrukgebied aan de oppervlakte passeert, kan zich een storm vormen. Daarom hebben we bij ons de meeste stormen in de herfst en winter, want dan is de straalstroom het sterkst."

3. Hoe komt het dat we er nu zoveel op een rij krijgen?

"De laatste dagen lijkt de straalstroom op een langgerekte rivier van snelbewegende lucht", vertelt David Dehenauw, hoofd van de dienst Weersvoorspellingen van het KMI. "In die rechte lijn krijg je dan vaak de ene depressie na de andere. Nu ligt die dus in de buurt van ons, waardoor je meerdere stormen op korte tijd ziet."

4. Hoe uitzonderlijk is dat, zoveel stormen in een paar dagen tijd?

"'Uitzonderlijk' mag je dat in elk geval niet noemen", zegt Dehenauw, die voor ons even in de KMI-statistieken dook. "Maar het is wel opmerkelijk, in die zin dat het niet elk jaar voorkomt." 

In februari 2020 bijvoorbeeld - dat was het jaar waarin de stormen Ciara, Dennis, Ellen en Francis elkaar opvolgden - noteerde het weerstation Westhinder, voor de kust van Nieuwpoort, 5 dagen na elkaar een windkracht van 9 Beaufort. "Maar ook in 2019, 2012, 2009, 2008 en 2007 waren er meerdere dagen na elkaar met zulke hoge windsnelheden."

Het is niet omdat stormen nu een naam krijgen dat ze daarom erger zijn of meer voorkomen dan vroeger

Professor meteorologie Steven Caluwaerts van de Universiteit Gent

Al die stormen (van minstens windkracht 9 dus) krijgen trouwens niet per se een naam. "Dat gebeurt enkel als een storm ergens in Europa een opvallende impact (code oranje, code rood) heeft en als het gaat om een voldoende groot gebied." Eenmaal er een naam is gegeven, nemen andere weerinstituten die over.

5. Het voelt alsof er de laatste jaren meer stormen voorkomen, klopt dat?

Nee. Volgens Dehenauw zijn de beschikbare statistieken daarover "nauwelijks veranderd". Hij ziet niet meer en ook geen hevigere stormen. "In de laatste decennia is de gemiddelde windsnelheid zelfs gedaald rond de zuidelijke Noordzee."

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er niet af en toe pieken kunnen zijn. Er zijn bijvoorbeeld ook data over het aantal dagen met windstoten van meer dan 80 kilometer per uur. Daarin zitten niet alleen stormen, maar ook rukwinden tijdens onweer. "Daarin zie je een grillig verloop, met grote verschillen, maar zeker geen toenemende trend. De laatste decennia is er eerder een afname te zien", zegt professor Caluwaerts.

Hij denkt daarom dat de naamgeving van die stormen het gevoel aanwakkert dat ze ook vaker voorkomen. "Die naamgeving maakt het makkelijker om eenduidig te communiceren. Zo dan weten mensen thuis beter waar ze zich aan moeten verwachten. Maar het is niet omdat stormen nu een naam krijgen dat ze daarom erger zijn of meer voorkomen dan vroeger."

6. Voelen we een impact van de klimaatverandering op het aantal stormen?

Door de opwarming van de aarde wordt de straalstroom "luier", minder sterk dus, want het verschil in temperatuur tussen Noordpool en Evenaar wordt kleiner. "Dus in theorie zou je dan minder stormen moeten krijgen", redeneert Caluwaerts. "Maar anderzijds zou door de klimaatopwarming de troposfeer, de onderste luchtlaag, groter worden, en dat zou net meer stormen kunnen veroorzaken."

Donderdag en vrijdag verwachten we weer iets meer wind, maar niets wijst op een hervatting van het stormregime. Vanaf het weekend wordt het rustiger

David Dehenauw, hoofd van de dienst Weersvoorspellingen van het KMI

En zo zijn er nog heel wat fysische fenomenen die voortkomen uit de klimaatopwarming die ofwel meer, ofwel minder stormen kunnen creëren. "Het netto-effect is niet zo duidelijk. Mogelijk heffen die elkaar min of meer op en moeten we voor de toekomst niet veel verandering verwachten."

7. Blijft het nu bij die 4 stormen op rij?

"Vandaag krijgen we nog felle windstoten, vooral aan de kust", zegt onze weervrouw Sabine Hagedoren. "Tegen 16 uur zou de wind wat ook meer moeten minderen in het centrum van het land. Morgen verwachten we nog windkracht 4 à 5. Het ergste hebben we dan gehad."

Dat ziet ook Dehenauw: "Donderdag en vrijdag verwachten we weer iets meer wind, maar niets wijst op een hervatting van het stormregime. Vanaf het weekend wordt het rustiger."

BEKIJK

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"