Op de Universiteit van Hongkong is een bekend monument voor de slachtoffers van de opstand op het Tiananmenplein in Peking weggehaald. Het gevolg van een risicobeoordeling, zegt de universiteit. Hongkong was een van de weinige plaatsen waar de onderdrukking van de opstand herdacht kon worden, in de rest van China is het verboden.
Herdenkingsmonument voor slachtoffers Tiananmenprotest weggehaald in Hongkong
De "pillar of shame" (zuil van schaamte) van de Deense kunstenaar Jens Galschiot stond al 24 jaar op de universiteit. Het acht meter hoge beeld toont opeengestapelde, van pijn verwrongen lichamen als herdenking aan het bloedbad dat in 1989 in Peking plaatsvond op het Tiananmenplein, dat ook bekendstaat als het Plein van de Hemelse Vrede. Het protest tegen de communistische regering werd door het leger hardhandig beëindigd, met naar schatting duizenden doden tot gevolg.
Arbeiders pakten het ontmantelde monument volledig in een wit zeil in en verplaatsten het in een container. Later bracht een vrachtwagen de container naar een onbekende bestemming weg. De maker van het beeld, Jens Galschiot, reageert geschokt op de verwijdering. Tegen persbureau AP zei Galschiot bang te zijn dat het wordt vernietigd. Hij heeft al aangeboden het beeld -dat volgens hem 1,4 miljoen dollar waard is- terug te halen, maar voorlopig tevergeefs.
De universiteit had al in oktober beslist dat het herdenkingsmonument moest worden neergehaald. "De beslissing over het oude standbeeld is genomen op basis van extern juridisch advies en een risicobeoordeling in het belang van de universiteit", zo staat in een verklaring. China verbiedt elke publieke herdenking van het bloedbad uit 1989.
Hongkong is sinds 1997 een semi-autonome regio van China, maar door de groeiende invloed van het regime in Peking worden de democratische vrijheden beperkt en is de prodemocratische beweging de kop ingedrukt.

