Na een strijd van vier jaar en luid protest, heeft de Britse overheid alpaca Geronimo toch doen inslapen. Het dier testte volgens het ministerie van Landbouw positief op de gevaarlijke ziekte rundertuberculose. De eigenares van Geronimo heeft dit altijd betwijfeld en spande meerdere rechtszaken aan.
Vier jaar geleden nam de Britse alpacafokker Helen Macdonald Geronimo mee van Nieuw-Zeeland naar Wickwar, bij de stad Bristol. Bij aankomst testte het dier positief op rundertuberculose, een dodelijke en besmettelijke ziekte. Wegens het gevaar voor verdere besmettingen, besliste het ministerie om het dier te laten inslapen.
Macdonald betwistte de testen en vocht sinds 2017 de beslissing juridisch aan. Volgens de eigenares werd Geronimo vier keer getest in Nieuw-Zeeland en kwamen de resultaten steeds negatief terug. In Engeland testte hij daarentegen twee keer positief. Macdonald vroeg het Britse ministerie om Geronimo nog eens te testen. Volgens haar werd de accuraatheid van de Britse testen onvoldoende bewezen. Haar verzoek werd geweigerd.
Onverwacht einde van de strijd
Na een strijd van vier jaar, werd Geronimo vanmorgen dan toch weggehaald door een team van dierenartsen, begeleid door politiemensen. Niet veel later kreeg Macdonald te horen dat ze het dier hadden doen inslapen. "Ik walg absoluut van deze regering. Dit zijn barbaarse acties. Het is een schande", reageerde Macdonald op de gebeurtenissen van vanmorgen.
Déjà vu door katje Lee
Alpaca Geronimo verdeelde de publieke opinie in Groot-Brittannië. Macdonald slaagde erin om een grote groep Britten te verzamelen die haar zaak steunden. Een petitie tegen de beslissing van de overheid werd maar liefst 150.000 keer ondertekend. In Londen werd ook hevig geprotesteerd nabij de ambtswoning van premier Boris Johnson in Downing Street. Zelfs de vader van Johnson sprak zich uit over de zaak en riep zijn zoon op om "de moord" op Geronimo te stoppen.
Bij ons roept de Britse zaak herinneringen op aan de zaak met het intussen bekende katje Lee. Het Federaal Voedselagentschap FAVV wilde het dier in 2020 laten inslapen vanwege het risico op hondsdolheid, maar de eigenares verzette zich daartegen. Uiteindelijk werd de kater terug naar Peru gevlogen, zijn land van herkomst. Na een nieuwe vaccinatie en wachtperiode mocht hij legaal terugkomen.