Grimbergen looft 400.000 euro uit voor verdwenen schilderijen
In de vroege ochtend van 13 september 1914 staken de Duitsers de kerk van Beigem in brand. Oorspronkelijk werd ervan uitgegaan dat de schilderijen mee in vlammen waren opgegaan. Uit diverse lokale bronnen blijkt volgens Mertens echter dat de schilderijen daags voor de brand uit de kerk werden weggehaald. Van de verbrande werken en de kettingen waarmee ze waren opgehangen, werd na de brand in de kerk niets teruggevonden
Kunstexpert Jan Van der Stock van de KU Leuven vermoedt dat de 173 x 129 cm grote schilderijen rond 1520 gemaakt werden in een Brussels atelier in de omgeving van Barend Van Orley. De 4 schilderijen maakten deel uit van een reeks van 6 die oorspronkelijk in de kapel van Sint-Jacob op de Koudenberg in Brussel hingen, maar in 1775 door de Beigemse pastoor Frencken gekocht werden om in zijn kerk op te hangen. De andere twee schilderijen bevinden zich vandaag in musea in Philadelphia en Dijon.
Wellicht werden de grote schilderijen ontvreemd door de Duitse troepen. De troepen die Beigem bezetten, behoorden tot de 30e Pruisische Divisie onder leiding van Generaal Adolf Wild von Hohenborn die net afgetreden was als minister van Oorlog. De kans dat ze nog bestaan, is volgens Sauwen klein. Van der Stock heeft er geen spoor van teruggevonden in de officiële verzamelingen, maar sluit niet uit dat ze zich ergens in een privéverzameling zouden bevinden.
Grimbergen trekt zich op aan het feit dat een Duitse delegatie in juni van dit jaar aan Diksmuide 23 oorkonden teruggaven die eveneens in 1914 geroofd werden.