Wat heeft De Gelder zelf gezegd over de feiten?
Over zijn voorbereidingen: aankoop van plastificeermachine om valse identiteitspapieren te maken, aankoop kogelwerende vest, aankoop gsm, fiets en fototoestel, aankoop haarkleurmiddelen voor zijn vermomming, een set PH-indicatorstrips om zich te kunnen voordoen als controleur van de watermaatschappij. Zo raakte hij bij Elza Van Raemdonck binnen.
Over de mislukte moordpoging op een gezin in dezelfde straat als zijn later slachtoffer Elza Van Raemdonck: De Gelder wilde het gezin ombrengen met een mes. Hij koos naar eigen zeggen toevallig als locatie de "Galgstraat" . Via Google Maps zocht hij naar een straat die minstens 15 kilometer van zijn woning lag omdat hij ervan uitging dat de politie slechts intensief zou zoeken in een straal van 15 kilometer rond de plaats van de feiten. Hij bracht kort voor zijn aankomst in de Galgstraat zijn vermommingen (bril en schoonheidsvlek) aan.
Over de moord op Elza Van Raemdonck: Hij is binnengedrongen dankzij zijn vermomming als controleur van de watermaatschappij. De watermeter bevond zich in de slaapkamer, daar heeft hij haar langs achter aangevallen met een mes. Hij ging op zoek naar andere aanwezigen in het huis, maar vond niemand. Hij ging terug naar de slaapkamer om te controleren of de vrouw wel dood was en veegde zijn mes schoon aan haar kledij. Hij controleerde zijn eigen kledij op bloedspatten en vertrok. Ergens onderweg heeft hij zijn vermomming weer uitgedaan. Omdat de moord op de vrouw zijn wraakgevoelens niet deed wegebben, begon hij de dag na de moord aan de voorbereidingen van zijn moordplan in enkele kinderdagverblijven.
Over de feiten bij kinderdagverblijf Fabeltjesland in Dendermonde: zijn eerste van drie doelwitten was een ander kinderdagverblijf, maar omdat er verschillende werkmannen aan de ingang stonden die hem mogelijk zouden kunnen identificeren, trok hij naar zijn tweede doelwit: Fabeltjesland. Hij wilde eerste alle volwassenen en daarna alle kinderen doden. Binnengegaan bij Fabeltjesland wilde hij de eerste verzorgster die hij zag "afmaken met een steek in de nek".
Op de vraag "waarom heb je je op weerloze slachtoffers geworpen", antwoordde De Gelder "omdat dat in het begin zo gepland was. Om mensen te vermoorden".
Over de dood van een van de kinderen in Fabeltjesland: "Ik hoorde geschreeuw. (...) Toen heb ik dat kind vastgepakt bij zijn rug en zo ook in zijn hals gestoken. (...) Toen is dat kind in mijn armen gestorven. Dan heb ik het op de grond gelegd."
Waarom De Gelder altijd messteken in de nek en in de buik gaf? "Omdat dat de meest fatale streken zijn, streken waar je het snelst kunt aan sterven".
Wat verklaarde hij tijdens de hoorzittingen?
Over de moord op Elza Van Raemdonck in Vrasene, Beveren, herhaalt Kim De Gelder dat hij de bedoeling had om nog meer mensen te vermoorden. Hij zei ook dat hij een slecht gevoel had overgehouden aan de moord. "Ik heb lange tijd op de rand van mijn bad gezeten, ik was zeer verward. Ik dacht na over wat er gebeurd was en of iemand iets zou gezien hebben. Ik zat met het gewrongen gevoel want ik wist niet of ik nu juist of onjuist had gehandeld. Mijn plannen waren in zekere zin niet geslaagd want ik had eigenlijk de bedoeling om alle mensen in de Galgstraat en Zillebeekstraat te vermoorden."
Over het motief voor de moordpartij in het kinderdagverblijf Fabeltjesland zegt Kim De Gelder dat hij wraak wou nemen op de maatschappij die volgens hem te hard is geweest voor hem. Hij was naar eigen zeggen zeer kwaad op alle mensen in de wereld waardoor hij zo veel mogelijk mensen het ergste wilde aandoen, namelijk hen vermoorden. In zijn eindverhoor voegde hij daar ook jaloezie en dwanggedachten aan toe.
Hij drukte ook zijn spijt uit. Hij zei dat hij moeilijk kon praten over de feiten en dat hij tot het besef was gekomen dat uit de feiten geleerd kon worden voor de toekomst. Hij rekende ook op een toekomstige vrijlating omdat hij vond dat zijn medische toestand was verbeterd en hij zich zo kon laten omringen door artsen.
Over zijn koelbloedigheid tijdens de moordpartij in Fabeltjesland: "Wat in feiten op voorhand gepland was, was het vermoorden van alle aanwezigen in het kinderdagverblijf en daarbij zelf rustig te blijven. Dat is echter niet gebeurd. Ik heb zelf ervaren dat ik tijdens de feiten enkele momenten van paniek gekend heb, afgewisseld met momenten die getuigen en/of slachtoffers omschrijven als rustige momenten van kalm en rustig handelen.
Hij gaf in zijn eindverhoor ook toe dat hij de eerste dagen na zijn arrestatie zijn onbeweeglijkheid en mutisme (onvermogen om te spreken) had geveinsd. "Ik wist immers niet wat er met me ging gebeuren en ik wilde dat absoluut kunnen inschatten." Hij gaf ook toe te hebben gelogen over zijn verhaal van dwingende stemmen en dat hij er tijdens het onderzoek bewust voor had gekozen om dan mee te werken en dan weer niet mee te werken.
Volgens De Gelder was het vooral zijn depressieve toestand die hem tot de feiten heeft gebracht. Hij dacht dat iedereen zich slecht voelde en maakte de redenering: "als ik iedereen dood, dan zullen de mensen niet meer afzien".
